View allAll Photos Tagged schadelijk

De gewone wesp (Vespula vulgaris) is een wesp uit de familie van de wespen (Vespidae).

 

De gewone wesp wordt 17 tot 20 mm lang en is stereotiep gekleurd in zwart en geel. De soort lijkt veel op de Duitse wesp, maar de Duitse wesp onderscheidt zich door drie karakteristieke zwarte stippen op de kop. De soort kan ook onderscheiden worden door de zwarte puntjes op elk van de zes segmenten van het abdomen.

 

Het is een eusociale wesp die zijn papieren nest, dat is samengesteld uit gekauwde houtvezels, vaak onder de grond bouwt. Hierbij maakt de wesp meestal gebruik van een verlaten hol als de start voor het nest. Dit wordt later uitgebreid door de werksters. Deze wesp toont zijn nut in tuinen, omdat hij rupsen en andere schadelijke insecten in toom houdt.

 

Deze wesp komt veel voor op het noordelijk halfrond, zoals Europa, Noord-Afrika en delen van Azië. De gewone wesp werd later geïntroduceerd in Australië en Nieuw-Zeeland

 

Met dank aan Wikipedia

 

Petten, Holland

THANKS FOR YOUR VISIT AND FAVES

ON THE REACTIONS I WILL TRY TO RESPOND BACK

 

Pioenroos (Paeonia)

De (nog niet bloeiende) knoppen van pioenrozen scheiden een sap uit dat rijk is aan koolhydraten. Vaak komen hier mieren op af die zich voeden met deze substantie. De mieren zijn echter niet schadelijk voor de planten.

-----------------------------------------------------------------------------------

Peony (Paeonia)

The (not yet blooming) buds of peonies secrete a juice that is rich in carbohydrates. Ants often feed on this substance. However, the ants are not harmful to the plants.

Niet veel later diende de volgende trein alweer de fotografen langs de Lotharstraße. Dit betrof een trein over de buitenste sporen voor de richting van Rheinhausen. Het was Chemion G1206, de 275 001, met drie wagens beladen met zwaveldioxide (UN1079), een gevaarlijke stof dat gewonnen wordt bij de verbranding van fossiele brandstoffen die zwavel bevatten. Bij een brand kan dit goedje zure regen en wintersmog veroorzaken wat schadelijk is voor mensen, dieren en planten.

 

In Nederland zul je dit vervoer op deze manier niet aantreffen en vooral niet door stedelijk gebied, maar in Duitsland is dat de normaalste zaak van de wereld en hoor je vrijwel niemand klagen.

Nog even en dan is dit niet meer toegestaan.

 

De vele mensen kijken niet naar de waarschuwingsborden en luisteren ook niet.

Tussen de bloempaden komen is schadelijk voor de bloembol vanwege besmetting.

Deze mensen doen het goed; maar vele boeren hebben de hekken met de bloembollenvelden al gesloten of van een rood-wit lint voorzien.

 

It isn't Allowed to stay between the flowers..

For this week's MacroMondays challenge "Poisonous".

Rat poison covered grain.

  

Welcome to my Flickr space & thank you for visiting,

hope you enjoy my images.

 

Don't use this image on any media without my permission.

You can contact me on my website at:

www.digifred.nl

  

Thanks for > 5 000 000 views.

Digifred_Macro_Mondays_2017_1148

Hoenderdaell … Anna Paulowna … Nederland

 

www.instagram.com/eric_fotografie/

 

Korstmossen zijn een symbiose van een schimmel en een alg. Ze groeien op schors van bomen, muren of andere zure substraten.

 

Ze zijn niet schadelijk voor de boom zelf en kunnen dus blijven zitten. Ze komen voor in allerlei kleuren en vormen. De gele kleur wordt vaak geassocieerd met een voorkeur voor goed belichte plekken.

THANKS FOR YOUR VISIT AND FAVES

ON THE REACTIONS I WILL TRY TO RESPOND BACK

 

De groene schildwants dankt het tweede deel van zijn naam aan de smerig ruikende stof die wordt uitgescheiden als een exemplaar wordt bedreigd. Deze stof is zeer moeilijk afwasbaar en kan door zowel volwassen wantsen als nimfen worden afgescheiden. Uit onderzoek blijkt dat de verbindingen die worden uitgescheiden blaren kunnen veroorzaken als ze in de mondholte terechtkomen. Het in de mond stoppen van insecten komt wel voor bij jonge kinderen.

 

De wants laat zijn typische weeïge geur achter op bezochte plantendelen als vruchten waardoor de soort als schadelijk wordt gezien. Men heeft soms de pech een braam of andere vrucht te eten die is bezocht door de stinkwants, waardoor de afweerstof in de mond terechtkomt wat een bijzonder onaangename ervaring is.

Overigens stinken wel meer soorten wantsen, grotere soorten uit de tropen zijn van verre te ruiken

----------------------------------------------------------------------------------------

The green shield bug owes the second part of its name to the foul-smelling substance that is secreted when a specimen is threatened. This substance is very difficult to wash off and can be secreted by both adult bugs and nymphs. Research shows that the compounds secreted can cause blisters if they enter the oral cavity. Putting insects in the mouth does occur in young children.

 

The bug leaves its typical wee-like odor on visited plant parts as fruits, making the species seen as harmful. People sometimes have the misfortune to eat a blackberry or other fruit that has been visited by the stink bug, causing the antibody to enter the mouth, which is a very unpleasant experience.

Incidentally, more species of bugs smell, larger species from the tropics can be smelled from afar

Zwarte kraaien zijn bij veel mensen niet bijzonder populair. Dat is erg jammer; kraaien doen niets verkeerd (in de natuur bestaat dat niet), het is een stigma dat ze door mensen is toebedeeld. De levenswijze van kraaien botst op sommige punten met bijvoorbeeld de belangen van boeren, doordat ze zaaigoed opeten. Daar staat tegenover dat kraaien ook een enorme hoeveelheid emelten eten, die ook schadelijk zijn voor landbouwgewassen.

 

Kraaien vertonen opvallend intelligente gedragspatronen. Ze onderhouden een intensieve communicatie, en zijn zelfs betrapt op het gebruiken van primitieve vormen van gereedschap om problemen op te lossen, iets dat men tot voor kort aan mensen en mensapen voorbehouden achtte.

 

Bovendien zijn kraaien (in feite alle kraaiachtigen) zangvogels! Dat is iets dat waarschijnlijk alleen door vogel taxonomen begrepen wordt, hun gekras in aanmerking nemend.

 

Thanks for visit and comments

Please no

Invited Images of a group within comments

 

Please no photos

  

SN/NC: Leucanthemum x Superbum, Asteraceae Family

CN: Shasta daisy

 

Leucanthemum × superbum, the Shasta daisy, is a commonly grown flowering herbaceous perennial plant with the classic daisy appearance of white petals (ray florets) around a yellow disc, similar to the oxeye daisy Leucanthemum vulgare Lam, but larger. It originated as a hybrid produced in 1890 by the American horticulturist Luther Burbank from a number of daisies. First, he crossed Leucanthemum vulgare with Leucanthemum maximum; this double hybrid was itself crossed with Leucanthemum lacustre. The resulting Leucanthemum triple hybrid was crossed with Nipponanthemum nipponicum, creating an intergeneric cross of species from three continents. It was named after Mount Shasta, because its petals were the color of the snow. Some members of the genus are considered noxious weeds, but the Shasta daisy remains a favorite garden plant.

 

Leucanthemum× superbum, a margarida Shasta, é uma planta herbácea perene comumentecultivada com a aparência clássica de margarida de pétalas brancas (flores deraios) em torno de um disco amarelo, semelhante à margarida de boi Leucanthemumvulgare Lam, mas maior. Originou-se como um híbrido produzido em 1890 pelohorticultor americano Luther Burbank a partir de várias margaridas. Primeiro,ele cruzou Leucanthemum vulgare com Leucanthemum maximum; este híbrido duplofoi cruzado com Leucanthemum lacustre. O híbrido triplo de Leucanthemumresultante foi cruzado com Nipponanthemum nipponicum, criando um cruzamentointergenérico de espécies de três continentes. Foi nomeado após o Monte Shasta,porque suas pétalas eram da cor da neve. Alguns membros do gênero sãoconsiderados ervas daninhas nocivas, mas a margarida Shasta continua sendo umaplanta de jardim favorita.

 

Leucanthemum× superbum, la margherita Shasta, è una pianta erbacea perenne da fiorecomunemente coltivata con il classico aspetto a margherita di petali bianchi(fiori di raggio) attorno a un disco giallo, simile alla margherita comuneLeucanthemum vulgare Lam, ma più grande. È nato come un ibrido prodotto nel1890 dall'orticoltore americano Luther Burbank da un certo numero di margherite.In primo luogo, ha incrociato Leucanthemum vulgare con Leucanthemum maximum;questo doppio ibrido è stato a sua volta incrociato con Leucanthemum lacusre.Il risultante ibrido triplo Leucanthemum è stato incrociato con Nipponanthemumnipponicum, creando un incrocio intergenerico di specie provenienti da trecontinenti. Prende il nome dal monte Shasta, perché i suoi petali erano delcolore della neve. Alcuni membri del genere sono considerati erbacce nocive, ma la margheritaShasta rimane una pianta da giardino preferita.

 

Leucanthemum ×superbum, het Shasta-madeliefje, is een veel voorkomende bloeiende kruidachtigevaste plant met het klassieke madeliefje-uiterlijk van witte bloembladen(straalbloemen) rond een gele schijf, vergelijkbaar met het madeliefjeLeucanthemum vulgare Lam, maar groter. Het is ontstaan als een hybride die in1890 werd geproduceerd door de Amerikaanse tuinder Luther Burbank uit eenaantal madeliefjes. Eerst kruiste hij Leucanthemum vulgare met Leucanthemummaximum; deze dubbele hybride werd zelf gekruist met Leucanthemum lacustre. Deresulterende Leucanthemum drievoudige hybride werd gekruist met Nipponanthemumnipponicum, waardoor een intergenerieke kruising van soorten uit driecontinenten ontstond. Het is vernoemd naar de berg Shasta, omdat debloemblaadjes de kleur van de sneeuw hadden. Sommige leden van het geslachtworden als schadelijk onkruid beschouwd, maar het Shasta-madeliefje blijft eenfavoriete tuinplant.

 

Leucanthemum ×superbum, la margarita de Shasta, es una planta herbácea perenne con florescomúnmente cultivada con la clásica apariencia de margarita de pétalos blancos(flores liguladas) alrededor de un disco amarillo, similar a la margarita deojo de buey Leucanthemum vulgare Lam, pero más grande. Se originó como unhíbrido producido en 1890 por el horticultor estadounidense Luther Burbank apartir de varias margaritas. Primero, cruzó Leucanthemum vulgare conLeucanthemum maximum; este híbrido doble se cruzó con Leucanthemum lacustre. Eltriple híbrido resultante de Leucanthemum se cruzó con Nipponanthemumnipponicum, creando un cruce intergenérico de especies de tres continentes.Recibió su nombre del monte Shasta, porque sus pétalos eran del color de lanieve. Algunos miembros del género se consideran malezas nocivas, pero lamargarita de Shasta sigue siendo una planta de jardín favorita.

 

Leucanthemum ×superbum, la marguerite Shasta, est une plante vivace herbacée à fleurscouramment cultivée avec l'apparence classique de marguerite de pétales blancs(fleurons rayonnés) autour d'un disque jaune, semblable à la marguerite blancheLeucanthemum vulgare Lam, mais plus grande. Il est né d'un hybride produit en1890 par l'horticulteur américain Luther Burbank à partir d'un certain nombrede marguerites. Premièrement, il a croisé Leucanthemum vulgare avecLeucanthemum maximum ; ce double hybride a lui-même été croisé avecLeucanthemum lacustre. Le triple hybride Leucanthemum résultant a été croiséavec Nipponanthemum nipponicum, créant un croisement intergénérique d'espècesde trois continents. Il a été nommé d'après le mont Shasta, car ses pétalesavaient la couleur de la neige. Certains membres du genre sont considérés commedes mauvaises herbes nuisibles, mais la marguerite Shasta reste une plante dejardin préférée.

 

Leucanthemum ×superbum, das Shasta-Gänseblümchen, ist eine häufig angebaute, blühende,krautige, mehrjährige Pflanze mit dem klassischen Gänseblümchen-Aussehen vonweißen Blütenblättern (Strahlenblüten) um eine gelbe Scheibe, ähnlich demOxeye-Gänseblümchen Leucanthemum vulgare Lam, aber größer. Sie entstand als Hybride, die 1890 vondem amerikanischen Gärtner Luther Burbank aus einer Reihe von Gänseblümchenhergestellt wurde. Zunächst kreuzte er Leucanthemum vulgare mit Leucanthemummaximum; Dieser Doppelhybrid wurde selbst mit Leucanthemum lacustre gekreuzt.Der resultierende Leucanthemum-Dreifachhybrid wurde mit Nipponanthemumnipponicum gekreuzt, wodurch eine gattungsübergreifende Kreuzung von Arten ausdrei Kontinenten entstand. Es wurde nach Mount Shasta benannt, weil seineBlütenblätter die Farbe des Schnees hatten. Einige Mitglieder der Gattunggelten als schädliche Unkräuter, aber das Shasta-Gänseblümchen bleibt einebeliebte Gartenpflanze.

 

シャスタデイジーであるLeucanthemum×superbumは、フランスギクLeucanthemum vulgare Lamに似ていますが、より大きな黄色い円盤の周りに白い花びら(光線小花)の古典的なデイジーの外観を持つ、一般的に成長する顕花草本多年生植物です。 それは、1890年にアメリカの園芸家ルーサーバーバンクによって多くのヒナギクから生産された雑種として始まりました。 最初に、彼はLeucanthemumvulgareをLeucanthemummaximumと交差させました。 この二重雑種自体がLeucanthemumlacustreと交配され、得られたLeucanthemum三重雑種はNipponanthemum nipponicumと交配され、3大陸からの種の属間交雑が作成されました。 花びらが雪の色だったので、シャスタ山にちなんで名付けられました。 属の一部のメンバーは有害な雑草と見なされますが、シャスタデイジーは依然としてお気に入りの園芸植物です。

 

Leucanthemum ×superbum ، Shasta daisy ، هو نبات عشبي معمر مزهر بشكل شائع مع مظهر الأقحوانالكلاسيكي للبتلات البيضاء (زهيرات الأشعة) حول قرص أصفر ، على غرار أوكسي ديزيLeucanthemum vulgare Lam ، ولكنه أكبر. نشأت كخليط أنتج في عام 1890 من قبل عالمالبستنة الأمريكي لوثر بوربانك من عدد من الإقحوانات. أولاً ، عبر Leucanthemumvulgare مع Leucanthemum max ؛ تم تهجين هذا الهجين المزدوج مع Leucanthemumlacustre. تم تهجين Leucanthemum الثلاثي الهجين الناتج مع Nipponanthemumnipponicum ، مما أدى إلى تقاطع الأنواع من ثلاث قارات. سميت على اسم جبل شاستا ،لأن بتلاتها كانت لون الثلج. تعتبر بعض أعضاء الجنس من الأعشاب الضارة ، لكن شاستاديزي تظل نبات الحديقة المفضل.

   

Rups van de schadelijke buxusmot

Klimt omhoog bij de gieter.

 

Vernielt in 1 week 2 mooie hagen |-(((

 

19A_5111CN+

Een dagje genieten vanuit hut 8 van Glenn Vermeersch, het was weer een mooie dag ...

 

glennvermeersch.be/fotohutten.html

 

De goudvink is een stevige vink (orde der zangvogels), met een 'stierennek', die ondanks zijn opvallende uiterlijk vaak over het hoofd wordt gezien, omdat hij zo schuw is en zo'n verborgen leven leidt.

 

De goudvink wordt door fruitkwekers wel als schadelijk beschouwd, omdat hij zich soms voedt met bloem- en bladknoppen van fruitbomen.

 

Bron: nl.wikipedia.org/wiki/Goudvink

De laatste foto uit België voorlopig. In Testelt werden we verrast door een HSL Class'66 die een sleep ketels trok vanuit Antwerpen naar de Duitste grens. Na enig speur en vraagwerk bleek dat we toch een vrij uniek treintje op foto hadden gezet. Slechts één keer per maand rijdt HSL vanuit de Sea Tank Terminal op de Antwerpen bundel Groenland een keteltrein beladen met (vermoedelijk) basisolie naar het oosten. Vanwege het ontbreken van de UN codes ketels moet het een niet schadelijke stof bevatten, maar wat exact blijft gissen. Als 42589 passeert de trein (die ik achteraf liever met TRAXX had gezien dan deze, toch zeker niet de minste PB13) Testelt onderweg naar Roemenië, waarbij de PB13 in Aachen West Pbf een locwissel kreeg.

SN/NC: Leucanthemum x Superbum, Asteraceae Family

CN: Shasta daisy

 

Leucanthemum × superbum, the Shasta daisy, is a commonly grown flowering herbaceous perennial plant with theclassic daisy appearance of white petals (ray florets) around a yellow disc, similar to the oxeye daisy Leucanthemum vulgare Lam, but larger. It originated as a hybrid produced in 1890 bythe American horticulturist Luther Burbank from a number of daisies. First, hecrossed Leucanthemum vulgare with Leucanthemum maximum; this double hybrid was itself crossed with Leucanthemum lacustre. The resulting Leucanthemum triple hybrid was crossed with Nipponanthemum nipponicum, creating an intergenericcross of species from three continents. It was named after Mount Shasta, because its petals were the color of the snow. Some members of the genus are considered noxious weeds, but the Shasta daisy remains a favorite garden plant.

 

Leucanthemum× superbum, a margarida Shasta, é uma planta herbácea perene comumentecultivada com a aparência clássica de margarida de pétalas brancas (flores deraios) em torno de um disco amarelo, semelhante à margarida de boi Leucanthemumvulgare Lam, mas maior. Originou-se como um híbrido produzido em 1890 pelohorticultor americano Luther Burbank a partir de várias margaridas. Primeiro,ele cruzou Leucanthemum vulgare com Leucanthemum maximum; este híbrido duplofoi cruzado com Leucanthemum lacustre. O híbrido triplo de Leucanthemumresultante foi cruzado com Nipponanthemum nipponicum, criando um cruzamentointergenérico de espécies de três continentes. Foi nomeado após o Monte Shasta,porque suas pétalas eram da cor da neve. Alguns membros do gênero sãoconsiderados ervas daninhas nocivas, mas a margarida Shasta continua sendo umaplanta de jardim favorita.

 

Leucanthemum× superbum, la margherita Shasta, è una pianta erbacea perenne da fiorecomunemente coltivata con il classico aspetto a margherita di petali bianchi(fiori di raggio) attorno a un disco giallo, simile alla margherita comuneLeucanthemum vulgare Lam, ma più grande. È nato come un ibrido prodotto nel1890 dall'orticoltore americano Luther Burbank da un certo numero di margherite.In primo luogo, ha incrociato Leucanthemum vulgare con Leucanthemum maximum;questo doppio ibrido è stato a sua volta incrociato con Leucanthemum lacusre.Il risultante ibrido triplo Leucanthemum è stato incrociato con Nipponanthemumnipponicum, creando un incrocio intergenerico di specie provenienti da trecontinenti. Prende il nome dal monte Shasta, perché i suoi petali erano delcolore della neve. Alcuni membri del genere sono considerati erbacce nocive, ma la margheritaShasta rimane una pianta da giardino preferita.

 

Leucanthemum ×superbum, het Shasta-madeliefje, is een veel voorkomende bloeiende kruidachtigevaste plant met het klassieke madeliefje-uiterlijk van witte bloembladen(straalbloemen) rond een gele schijf, vergelijkbaar met het madeliefjeLeucanthemum vulgare Lam, maar groter. Het is ontstaan als een hybride die in1890 werd geproduceerd door de Amerikaanse tuinder Luther Burbank uit eenaantal madeliefjes. Eerst kruiste hij Leucanthemum vulgare met Leucanthemummaximum; deze dubbele hybride werd zelf gekruist met Leucanthemum lacustre. Deresulterende Leucanthemum drievoudige hybride werd gekruist met Nipponanthemumnipponicum, waardoor een intergenerieke kruising van soorten uit driecontinenten ontstond. Het is vernoemd naar de berg Shasta, omdat debloemblaadjes de kleur van de sneeuw hadden. Sommige leden van het geslachtworden als schadelijk onkruid beschouwd, maar het Shasta-madeliefje blijft eenfavoriete tuinplant.

 

Leucanthemum ×superbum, la margarita de Shasta, es una planta herbácea perenne con florescomúnmente cultivada con la clásica apariencia de margarita de pétalos blancos(flores liguladas) alrededor de un disco amarillo, similar a la margarita deojo de buey Leucanthemum vulgare Lam, pero más grande. Se originó como unhíbrido producido en 1890 por el horticultor estadounidense Luther Burbank apartir de varias margaritas. Primero, cruzó Leucanthemum vulgare conLeucanthemum maximum; este híbrido doble se cruzó con Leucanthemum lacustre. Eltriple híbrido resultante de Leucanthemum se cruzó con Nipponanthemumnipponicum, creando un cruce intergenérico de especies de tres continentes.Recibió su nombre del monte Shasta, porque sus pétalos eran del color de lanieve. Algunos miembros del género se consideran malezas nocivas, pero lamargarita de Shasta sigue siendo una planta de jardín favorita.

 

Leucanthemum ×superbum, la marguerite Shasta, est une plante vivace herbacée à fleurscouramment cultivée avec l'apparence classique de marguerite de pétales blancs(fleurons rayonnés) autour d'un disque jaune, semblable à la marguerite blancheLeucanthemum vulgare Lam, mais plus grande. Il est né d'un hybride produit en1890 par l'horticulteur américain Luther Burbank à partir d'un certain nombrede marguerites. Premièrement, il a croisé Leucanthemum vulgare avecLeucanthemum maximum ; ce double hybride a lui-même été croisé avecLeucanthemum lacustre. Le triple hybride Leucanthemum résultant a été croiséavec Nipponanthemum nipponicum, créant un croisement intergénérique d'espècesde trois continents. Il a été nommé d'après le mont Shasta, car ses pétalesavaient la couleur de la neige. Certains membres du genre sont considérés commedes mauvaises herbes nuisibles, mais la marguerite Shasta reste une plante dejardin préférée.

 

Leucanthemum ×superbum, das Shasta-Gänseblümchen, ist eine häufig angebaute, blühende,krautige, mehrjährige Pflanze mit dem klassischen Gänseblümchen-Aussehen vonweißen Blütenblättern (Strahlenblüten) um eine gelbe Scheibe, ähnlich demOxeye-Gänseblümchen Leucanthemum vulgare Lam, aber größer. Sie entstand als Hybride, die 1890 vondem amerikanischen Gärtner Luther Burbank aus einer Reihe von Gänseblümchenhergestellt wurde. Zunächst kreuzte er Leucanthemum vulgare mit Leucanthemummaximum; Dieser Doppelhybrid wurde selbst mit Leucanthemum lacustre gekreuzt.Der resultierende Leucanthemum-Dreifachhybrid wurde mit Nipponanthemumnipponicum gekreuzt, wodurch eine gattungsübergreifende Kreuzung von Arten ausdrei Kontinenten entstand. Es wurde nach Mount Shasta benannt, weil seineBlütenblätter die Farbe des Schnees hatten. Einige Mitglieder der Gattunggelten als schädliche Unkräuter, aber das Shasta-Gänseblümchen bleibt einebeliebte Gartenpflanze.

 

シャスタデイジーであるLeucanthemum×superbumは、フランスギクLeucanthemum vulgare Lamに似ていますが、より大きな黄色い円盤の周りに白い花びら(光線小花)の古典的なデイジーの外観を持つ、一般的に成長する顕花草本多年生植物です。 それは、1890年にアメリカの園芸家ルーサーバーバンクによって多くのヒナギクから生産された雑種として始まりました。 最初に、彼はLeucanthemumvulgareをLeucanthemummaximumと交差させました。 この二重雑種自体がLeucanthemumlacustreと交配され、得られたLeucanthemum三重雑種はNipponanthemum nipponicumと交配され、3大陸からの種の属間交雑が作成されました。 花びらが雪の色だったので、シャスタ山にちなんで名付けられました。 属の一部のメンバーは有害な雑草と見なされますが、シャスタデイジーは依然としてお気に入りの園芸植物です。

 

Leucanthemum ×superbum ، Shasta daisy ، هو نبات عشبي معمر مزهر بشكل شائع مع مظهر الأقحوانالكلاسيكي للبتلات البيضاء (زهيرات الأشعة) حول قرص أصفر ، على غرار أوكسي ديزيLeucanthemum vulgare Lam ، ولكنه أكبر. نشأت كخليط أنتج في عام 1890 من قبل عالمالبستنة الأمريكي لوثر بوربانك من عدد من الإقحوانات. أولاً ، عبر Leucanthemumvulgare مع Leucanthemum max ؛ تم تهجين هذا الهجين المزدوج مع Leucanthemumlacustre. تم تهجين Leucanthemum الثلاثي الهجين الناتج مع Nipponanthemumnipponicum ، مما أدى إلى تقاطع الأنواع من ثلاث قارات. سميت على اسم جبل شاستا ،لأن بتلاتها كانت لون الثلج. تعتبر بعض أعضاء الجنس من الأعشاب الضارة ، لكن شاستاديزي تظل نبات الحديقة المفضل.

   

Tussen Oktober 2016 en December 2016 huurde RheinCargo een fraaie DE18 van Vossloh Locomotives.

 

Op 9 December 2016 passeert de RheinCargo 4185 015 Kaarst-Tilmeshof met aan de haak een beladen kalksteenmeeltrein vanuit Rheinkalk in Flandersbach naar Niederaußem Gbf waarna de wagens door zullen gaan naar de RWE bruinkoolcentrales in Niederaußem en Neurath waar de poeder gebruikt zal worden om de schadelijke gassen van de centrales op te vangen.

 

Inmiddels rijdt de fraaie locomotief bij Gunvor Deutschland, en heeft RheinCargo zelf een aantal machines van de serie DE18 in dienst.

De gele knolamaniet (Amanita citrina, synoniem: Amanita mappa) is een algemeen voorkomende paddenstoel uit het geslacht der amanieten (Amanita). De soort wordt makkelijk verward met de zeer giftige groene knolamaniet (Amanita phalloides). De gele knolamaniet wordt in het Engels daarom ook wel aangeduid met false death cap.

 

Er bestaat een variëteit van de gele knolamaniet: de witte knolamaniet (Amanita citrina var. alba). Deze onderscheidt zich van de gele knolamaniet doordat deze helemaal wit is en nergens, op de velumresten op de hoed na, geen geelverkleuring vertoont.

 

Beschrijving

De gele knolamaniet bezit een bolvormige gewelfde tot vlakke ronde hoed, die 4 tot 10 centimeter in diameter kan worden. Het oppervlak is meestal glad, maar kan soms lokaal oranje tot lichtbruine oneffenheden vertonen. De hoed en de steel zijn ivoorwit tot bleek citroengeel van kleur. De lamellen zijn vlezig en wit. De paddenstoel wordt 6 tot 12 centimeter hoog en bezit een met een beurs omgeven knolvoet. De steel is uitgesproken cilindrisch en bezit een hoog aangezette, afhangende ring, die bij aanraking bruin kan verkleuren. De sporen zijn wit, zo goed als rond en worden 7 tot 10 micrometer groot.

 

De gele knolamaniet ruikt naar rauwe aardappelen.

 

Toxiciteit

De toxiciteit van de soort is toe te schrijven aan de aanwezigheid van het gif alfa-amanitine, hetgeen door de Universiteit van Cambridge werd vastgesteld. Evenwel werd aangetoond dat de hoeveelheid gif zeer beperkt is. Dat impliceert dat er geen schadelijke effecten optreden wanneer een kleine hoeveelheid wordt ingeslikt. Bij grotere hoeveelheden kunnen symptomen van vergiftiging optreden.

 

Het grootste gevaar schuilt echter niet in de aanwezigheid van het alfa-amanitine, maar in het feit dat deze soort zeer makkelijk verward kan worden met de veel giftiger groene knolamaniet. Daarnaast kan de soort ook verward worden met de narcisamaniet (Amanita gemmata). De hoed van deze soort is echter veel geler gekleurd.

 

Voorkomen

De gele knolamaniet gedijt in loofbossen en gemengde bossen, voornamelijk bij eiken en beuken. De soort komt voor op (verzuurde) zandgrond.

 

De gele knolamaniet is algemeen voorkomend in Europa en Noord-Amerika.

Boeiende verschijning!

 

Wiki:

De superfamilie goudwespachtigen (Bethyloidea) is een groep van insecten die behoort tot de vliesvleugeligen. Goudwespachtigen zijn een superfamilie die een aantal minder bekende families van wespen bevat. Sommige soorten zijn erg bekend vanwege de bonte iriserende lichaamskleur. Lange tijd werden de goudwespachtigen tot de superfamilie Chrysidoidea gerekend.

 

Goudwespachtigen behoren tot de Aculeata, de angeldragers, een sectie binnen de onderorde Apocrita, onderdeel van de orde vliesvleugeligen (Hymenoptera). De belangrijkste vertegenwoordigers van deze superfamilie worden gevormd door de goudwespen (Chrysididae), maar ook de minder bekende families als de platkopwespen (Bethylidae) en tangwespen (Dryinidae) en de nog kleinere familie (wat betreft aantal) van peerkopwespen (Embolemidae) behoren hiertoe.

 

De verschillende families hebben zo hun eigen anatomie, levenswijze en voortplanting. Tangwespen jagen op andere insecten en hebben hiertoe tot grijpklauwen omgevormde voorpootjes, net als de niet-verwante bidsprinkhanen (Mantodea). Platkopwespen leggen de eitjes in de buurt van een larve van een ander insect. Als het ei uitkomt kruipt de wespenlarve op de door zijn moeder gevangen en verlamde prooi, en leeft de eerste tijd van de lichaamssappen. Pas in de laatste stadia eet de larve zijn prooi helemaal op en verpopt, het is dus voornamelijk een externe parasiet, dit in tegenstelling tot veel sluipwespen. Platkopwespen zijn meestal nuttige diertjes die ook leven van de larven van schadelijke insecten als houtverwoestende boktorren (Cerambicydae) en larven van kleermotten (Tineola biseliella).

 

Peerkopwespen hebben een kenmerkende kop en opvallend dikke antennes. De larven parasiteren uitwendig op met name nimfen van halfvleugeligen (orde Hemiptera). De larven zijn net als de larven van platkopwespen uitwendige parasieten die alleen met de kop in de gastheer steken.

 

De goudwespen met name doen de naam eer aan en behoren tot de mooiste insecten van Nederland wat betreft kleur. Het zijn als larve parasitair levende insecten, die (zie foto rechtsboven) met belangstelling de activiteiten van een plooivleugelwesp gade slaan. Wanneer de plooivleugelwesp een ei gelegd heeft, zal de goudwesp in hetzelfde nest ook een ei leggen. De larve van de goudwesp eet de larve van de plooivleugelwesp en de voedselvoorraad op. Ze worden hierdoor ook wel koekoekswespen genoemd. Er zijn ook koekoekshommels en andere soorten insecten die de eitjes in het nest van een andere soort leggen; ze danken hun naam aan de koekoek, een vogel die hetzelfde trucje toepast. In Nederland komen 13 geslachten goudwespen voor.

  

19A_4377ccN+

Waarom is de Aziatische hoornaar schadelijk?

De Aziatische hoornaar (Vespa velutina) is een wespensoort uit zuidoost China. Sinds 2016 is de soort ook aanwezig in België. We noemen ze een ‘invasieve exoot’:

De soort kwam hier oorspronkelijk niet voor, maar neemt nu snel in aantal toe en is al verspreid over geheel Vlaanderen.

Ze valt honingbijen en andere inheemse insecten aan, die onze bloemen en planten bestuiven.

 

Selective trap Asian hornet.

 

Why are Asian hornets harmful?

The Asian hornet (Vespa velutina) is a wasp species from Southeast China. Since 2016, the species also occurs in Belgium. It is an ‘invasive alien species’:

The species did not originally occur here, but is now rapidly increasing in number and spreading throughout Flanders.

It attacks honey bees and other native insects that pollinate our flowers and plants.

SN/NC: Tridax Procumbens, Asteraceae Family

 

Tridax procumbens, commonly known as coatbuttons or tridax daisy, is a species of flowering plant in the daisy family. It is best known as a widespread weed and pest plant. It is native to the tropical Americas, but it has been introduced to tropical, subtropical, and mild temperate regions worldwide. It is listed as a noxious weed in the United States and has pest status in nine states.

 

Tridax procumbens, algemeen bekend als jasknopen of tridax-madeliefje, is een soort bloeiende plant in de madeliefjesfamilie. Het is vooral bekend als een wijdverbreide wiet- en plaagplant. Het komt oorspronkelijk uit het tropische Amerika, maar is wereldwijd geïntroduceerd in tropische, subtropische en milde gematigde streken. Het wordt vermeld als een schadelijk onkruid in de Verenigde Staten en heeft in negen staten de status van plaag.

 

Erva-de-touro (Tridax procumbens L.) Descrição Morfológica: Planta herbácea, com caules ascendentes, variando entre 30 e 50 cm de altura. Altamente competitiva e desenvolve-se rapidamente em lugares de temperatura elevada e boa umidade. Pertence à familia das asteraceae, a mesma das margaridas, dálias, gérberas e girassóis. Esta mini margaridinha gosta mesmo é de pasto, e complementa a paisagem em áreas úmidas, sendo um alimento apreciados pelo gado, razão pela qual também se chama erva-de-touro. Dá uma aparência bonita ao pasto e também gosta dos jardins abandonados ou mal cuidados, onde ela prospera agilmente.

 

Tridax procumbens es una planta medicinal perteneciente a la familia de las asteráceas. Conocida también en Guatemala como: bakenbox, cadillo, chisaaca, curagusano, hierba de San Juan, romerillo, San Juan del Monte. La planta tiene discos de flores de color blanco o amarillo con flores liguladas de tres dientes. Las hojas son dentadas y en general en forma de punta de flecha. Su fruto es un duro aquenio cubierto de pelos y con un plumas. La planta es invasiva, en parte, debido a que produce muchos aquenios, hasta 1500 por planta, y cada uno puede desplazarse por el viento por sus vilanos y desplazarse a cierta distancia.

 

Tridax procumbens, allgemein bekannt als Mantelknöpfe oder Tridax-Gänseblümchen, ist eine Pflanzenart aus der Familie der Gänseblümchen. Sie ist vor allem als weit verbreitetes Unkraut und Schädlingspflanze bekannt. Sie ist in den tropischen Regionen Amerikas heimisch, wurde aber weltweit in tropische, subtropische und milde gemäßigte Regionen eingeführt. In den Vereinigten Staaten wird sie als schädliches Unkraut geführt und gilt in neun Staaten als Schädling.

 

Tridax procumbens, communément appelé marguerite tridax, est une espèce de plante à fleurs de la famille des marguerites. Elle est surtout connue comme une mauvaise herbe et une plante nuisible très répandue. Elle est originaire des Amériques tropicales, mais elle a été introduite dans les régions tropicales, subtropicales et tempérées douces du monde entier. Elle est répertoriée comme mauvaise herbe nuisible aux États-Unis et a le statut d'organisme nuisible dans neuf États.

 

Tridax procumbens, comunemente nota come coatbuttons o tridax daisy, è una specie di pianta da fiore della famiglia delle margherite. È meglio conosciuta come una pianta infestante e parassitaria diffusa. È nativa delle Americhe tropicali, ma è stata introdotta nelle regioni tropicali, subtropicali e temperate miti in tutto il mondo. È elencata come erbaccia nociva negli Stati Uniti e ha lo status di parassita in nove stati.

 

トリダックス プロクンベンスは、一般にコートボタンまたはトリダックス デイジーとして知られ、デイジー科の花を咲かせる植物の一種です。広く分布する雑草および害虫植物としてよく知られています。熱帯アメリカ原産ですが、世界中の熱帯、亜熱帯、および温帯地域に導入されています。米国では有害雑草としてリストされており、9 つの州では害虫として指定されています。

 

Tridax procumbens، المعروف باسم coatbuttons أو tridax daisy، هو نوع من النباتات المزهرة في عائلة الأقحوان. يُعرف بشكل أفضل بأنه نبات ضار ونبات آفة واسع الانتشار. موطنه الأصلي هو الأمريكتان الاستوائية، ولكن تم إدخاله إلى المناطق الاستوائية وشبه الاستوائية والمعتدلة المعتدلة في جميع أنحاء العالم. وهو مدرج كعشب ضار في الولايات المتحدة وله وضع آفة في تسع ولايات.

Mindener Kreisbahn (MKB) V19 met Xylenentrein "Minden - Bremen/Hamburg." Hamm Westfalen (D) 24 februari 2015.

 

De leukeste trein die we op Hamm zagen, was deze V19 van de MKB die met en Xylenen (niet oplosbaar in water, licht ontvlambaar en schadelijk) trein onderweg is uit Minde naar Bremen of Hamburg. Dit locje lijkt nieuw maar stamt toch al uit het jaar 2003.

Drought in the Dutch nature reserve Galderse Heide next to the Mastbos (Breda, North Brabant). The dry, but originally swampy terrain is overgrown with the invasive swamp stonecrop or Crassula helmsii plants; these are practically impossible to remove.

 

© All of my photos are unconditional copyrighted unless explicitly stated otherwise. Therefore it is legally forbidden to use my pictures on websites, in commercial and/or editorial prints or in other media without my explicit permission.

Some of my photos are sold at reasonable prices through various stock photo agencies.

For example look here for my images on Shutterstock:

www.shutterstock.com/g/rmorijn?rid=556147&utm_medium=...

Waarom is de Aziatische hoornaar schadelijk?

De Aziatische hoornaar (Vespa velutina) is een wespensoort uit zuidoost China. Sinds 2016 is de soort ook aanwezig in België. We noemen ze een ‘invasieve exoot’:

De soort kwam hier oorspronkelijk niet voor, maar neemt nu snel in aantal toe en is al verspreid over geheel Vlaanderen.

Ze valt honingbijen en andere inheemse insecten aan, die onze bloemen en planten bestuiven.

 

Selective trap Asian hornet.

 

Why are Asian hornets harmful?

The Asian hornet (Vespa velutina) is a wasp species from Southeast China. Since 2016, the species also occurs in Belgium. It is an ‘invasive alien species’:

The species did not originally occur here, but is now rapidly increasing in number and spreading throughout Flanders.

It attacks honey bees and other native insects that pollinate our flowers and plants.

© WJP Productions 2016

 

in explore at flickr on 27-7-2016.

in most popular photos at 500px, 27-7-2016

 

Dennensnuitkevers (NL)

De dennensnuitkever (Hylobius abietis) is een kever uit de familie snuitkevers (Curculionidae). Een andere benaming is ook wel grote dennensnuitkever.

 

De dennensnuitkever wordt 8 tot 15 millimeter lang en leeft van het hout van naaldbomen. De snuitkever kan schade aanbrengen in de bosbouw, met name aangeplante jonge bomen zijn kwetsbaar. De kever vreet het hout van de bomen kapot waardoor de boom soms gedeeltelijk ontschorst wordt en sterft. Bij veel keversoorten is het juist de larve die schadelijk is, hoewel de larve van de dennensnuitkever ook schors eet richt hij minder schade aan.

 

De dennensnuitkever heeft een donkerbruine tot zwarte kleur en heeft vele kleine, geelbruine vlekjes op de bovenzijde, welke bestaan uit kleine haartjes. Deze soort is van gelijkende soorten te onderscheiden doordat de tasters helemaal vooraan de snuit zitten en niet meer in het midden. De dijen zijn sterk verbreed en de dekschilden zijn gegroefd.

 

bron: nl.wikipedia.org/wiki/Dennensnuitkever

 

Large pine weevil (EN)

The large pine weevil is a beetle belonging to Curculionidae family. This species is widely regarded as the most important pest of most commercially important coniferous trees in European plantations. Seedlings planted or arising from natural regeneration after clear felling operations are especially at risk. The adult weevils cause damage by eating the bark of seedlings around the 'collar' of the stem, thus 'ring-barking' the tree seedling which usually results in its demise.

 

The adult weevils are approximately 10-13 mm in length (without beak/snout) and are dark brown with patches of yellow or light brown hairs arranged in irregular rows on their elytra. The legs are black or deep red with a distinctive tooth on the femora and at the end of tibiae.

 

source: en.wikipedia.org/wiki/Hylobius_abietis

Natuurlijk is het een schadelijk dier in onze Nederlandse natuur maar wat een grappig en mooi diertje is de muskusrat eigenlijk.

Heel vroeg in de morgen trok hij zich niets aan van de klikkende dame met camera.

 

www.jokebenschop.com

Aan de provinciale weg N324 liggen, direct bij de verkeersbrug over de Maas bij Grave op de zuidelijke oever, twee z.g. brugkazematten ook wel rivierkazematten genoemd.

 

Deze in 1936 gebouwde kazematten dienden ter verdediging van de verkeersbrug die de Brabantse en Gelderse oever met elkaar verbindt. Tezamen met de verkeersbrug (thans J.Thompsonbrug genoemd) en het gemaal “van Sasse” zijn deze bouwwerken gezien hun geschiedenis en markante ligging monumenten met een grote cultuurhistorische waarde. Slechts 14 stuks van dit type B kazemat zijn nog zichtbaar in het Hollandse landschap.

 

Kazemat ‘Noord’ gelegen iets ten noordwesten van ‘Zuid” heeft twee verdiepingen en was ook bewapend met een 5cm kanon en zware mitrailleur. In beide kazematten bevond zich op de onderste etage een aggregaat om de schadelijke kruitdampen en gassen tijdens het schieten af te kunnen voeren. Verder waren beide kazematten voorzien van een periscoopaansluiting, een periscoop is echter nooit geleverd. (Bron: Tracesofwar.nl)

Het domein Gerhagen situeert zich in het gehucht Schoot-Tessenderlo. Schoot is één van de vijf gehuchten (kerkdorpen) van Tessenderlo. De gemeente Tessenderlo bevindt zich helemaal in het westen, in de neus van de provincie Limburg. Eigenlijk ligt Tessenderlo geborgen tussen de provincie Antwerpen in het noorden en de provincie Vlaams-Brabant in het zuiden. Tessenderlo heeft een oppervlakte van 51,4 km² en telt meer dan 17.000 inwoners. Ten oosten van het centrum bevindt zich een grote industriezone en ten westen van de gemeente ligt er een “groene long”, Gerhagen genaamd, die een oppervlakte heeft van 945 hectare, en zich verder uitstrekt in de naburige gemeenten.

 

In het zuiden van Gerhagen ligt de Stad Diest op ongeveer 8 km, in het westen situeert zich Averbode op 5 km en het natuurreservaat “Averbode Heide” dat eigendom is van Natuurpunt. Averbode Heide, dat zich eveneens bevindt op het grondgebied van Tessenderlo, is gescheiden van Gerhagen door de Turnhoutsebaan. In het noorden ligt Geel op 12 km afstand. Het centrum van Tessenderlo ten slotte bevindt zich op ongeveer 4 km van het hart van Gerhagen, de Zandberg met zijn VVV-toren.

 

Het domein Gerhagen is sinds februari 2010 afgebakend als “stiltegebied”. Het ganse grondgebied is hoofdzakelijk eigendom van de Gemeente Tessenderlo, de Provincie, het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap (beheerd door het ANB), maar ook van tal van particulieren.

Meer dan de helft van Gerhagen is bebost. Het grootste gedeelte bestaat uit Grove den en Corsicaanse den, een ondersoort van de Zwarte den. Het oudste huidige bos met uitsluitend Grove dennen dateert uit 1915. Op een paar plaatsen vinden we ook nog enkele Zeedennen, zoals o.a. op de Zandberg in de buurt van de VVV-toren.

Dankzij een gewijzigd bosbeheer wordt er meer aandacht besteed aan het loofhout. Op verscheidene plaatsen begint dat loofhout zich dan ook te manifesteren. Bovendien is aan de rand van het broedgebied Pinnekenswijer een prachtig gemengd bos gecreëerd, dat vooral uit Eiken, Berken en Grove dennen bestaat.

 

In het lager gelegen gedeelte en in de omgeving van het beekje “de Gerhagenloop” komen, omwille van een wat rijkere bodem, weiden en akkers voor.

 

Centraal ligt het ± 32 ha grootte Vlaamse natuurreservaat de “Pinnekensweier”. De Pinnekensweier bezit twee vennen: het “grote ven” en het “kleine ven”. Ze worden enkel gevoed door regenwater. Het waterpeil is daarom sterk afhankelijk van de weersomstandigheden. Deze hangvennen zijn zuurstofarm en nogal zuur, omwille van het stilstaande water en de ondoordringbare bodem.

Ten zuiden ligt het ± 210 ha grootte Vlaamse natuurreservaat de “Houterenberg”. Dat gebied bestaat vooral uit bossen en heide met stuifzanden.

 

Gerhagen is grotendeels opengesteld voor zachte recreatie, zoals wandelen, joggen, fietsen en paardrijden. In de nabijheid zijn verscheidene horecazaken. Er zijn bovendien enkele voorzieningen getroffen voor kinderen, zoals een speeltuintje op de Zandberg en enkele speelbossen.

Het Bosmuseum staat in de buurt van de 18,75 meter hoge VVV-Toren, waar men een prachtig uitzicht heeft op het hele gebied. In het museum, dat uitgebouwd is tot een belangrijk educatief centrum, wordt een permanente tentoonstelling gehouden over vogels, genoemd “van ei tot ei”. Tevens vindt men er alle mogelijke informatie over de natuur in al zijn facetten.

Niet ver daarvan ligt de gemeentelijke visvijver, met in de nabijheid het Jagershuis dat dienst doet als jeugdkampeercentrum.

 

De laatste jaren neemt de bezoekersdruk in Gerhagen enorm toe. De mensen zoeken meer de natuur op omwille van de rust, ontspanning en beleving. En terecht. Wel dienen de bevoegde instanties er over te waken dat het domein niet overspoeld wordt met bezoekers en recreanten. Oververzadiging schaadt immers de natuur, maar ook het domein in al zijn andere waarden.

 

Sinds enkele jaren worden er intensieve beheerswerken uitgevoerd in het gebied door het ANB. Vooral zijn heel wat dennenbomen (vooral Corsicaanse Den) geveld, samen met de overwoekerende en schadelijke Amerikaanse Eik en Amerikaanse Vogelkers. In bijna gans het domein worden dunningswerken uitgevoerd. Ook nu worden vooral Corsicaanse Dennen, Amerikaanse Eiken en Amerikaanse Vogelkersen verwijderd (genoemde soorten zijn allen uitheems). In het natuurreservaat de Pinnekenswijer zijn eveneens heel wat bomen geveld en is een zeer grote oppervlakte machinaal geplagd. Op de Houterenberg is de open heidevlakte grotendeels hersteld omwille van het kapwerk.

De reden van deze werken is het herstel bespoedigen van het zo zeldzaam geworden heidegebied. Immers, heideterreinen zijn halfnatuurlijke landschappen die niet kunnen gedijen zonder het ingrijpen van de mens. De laatste jaren was het heidegebied bijna helemaal verbost en diende men de natuur hoognodig een handje te helpen voor herstel.

 

Om de historiek van Gerhagen te begrijpen is het van belang eerst de naam zelf te ontleden (etymologisch), alvorens 10.000 jaar terug te gaan in de tijd.

In de Middeleeuwen zouden ongure figuren elkaar opzoeken op de grens van het prinsbisdom Luik en de Zuidelijke Nederlanden. Omdat het een verlaten gebied betrof van heide, vennen en bossen konden dergelijke types gemakkelijk een schuilplaats vinden en ongestoord hun gang gaan. Men sprak dan ook over “de gene of gindse bossen” (Generhagen).

 

Nu ligt Gerhagen, zoals beschreven in de plaatsbepaling, op het grondgebied van het gehucht Schoot-Tessenderlo. De naam Schoot komt hoogstwaarschijnlijk van het Germaanse woord “scauta”, wat zoveel betekent als: “beboste hoek zandgrond, uitspringend in moerassig gebied”.

Een andere versie zoekt de oorsprong in het woord “scoete” oftewel “schutten”. Een schut wil zeggen dat er op een dergelijke plaats een afgeperkte ruimte was die dienst deed als onderdak en bescherming voor schapen en ander rondzwervend vee (vandaar het woord schutplaats).

Ruwweg 10.000 jaar geleden, na de laatste ijstijd, ontstond er door opwarming eerst een toendravegetatie en later een uitgestrekt woud. Eiken en berken tierden welig dankzij de droge zandgronden. Echter, na verloop van tijd, greep de mens in en begon men het bos te rooien. Dat had vooral een economisch belang: houtwinning en aanleg van landerijen (akkers, velden en weilanden).

 

Het grootste deel van Gerhagen bleek door zijn dikke zandbodem weinig geschikt voor de landbouw. Op deze arme ontgonnen gronden ontstond zo een enorme heide- en struikvlakte met een aantal grote vennen en vijvers.

Hoewel weinig geschikt voor de landbouw, zijn deze heidevlakten jarenlang van zeer grote waarde geweest voor de plaatselijke bevolking. Ze werden o.a. gebruikt als graasplaats voor schapen en ander vee, om er strooisel en plaggen te halen voor de potstallen (waarna deze mest gebruikt werd voor de akkers), als voorraadschuur van brandstof (zoals hout en turfplaggen) en voor nog allerlei andere zaken (honingwinning, bezems, etc).

Met de opkomst van de kunstmest en de invoer van goedkope Australisch wol verliest het heidegebied stilaan echter aan belang. Meer en meer wordt het gebied verwaarloosd. Daarbij kwam er rond 1847 nog een wet over het belasten van woeste onproductieve gronden. Stilaan werd het gebied bebost. Uit een Ferrariskaart van 1771 blijkt dan ook dat Gerhagen zeer sterk bebost was. Bovendien was er een haast hallucinante vraag naar mijnhout vanuit het Roergebied, Wallonië en de Kempen.

Op te merken valt ten slotte dat de geschiedenis van Gerhagen kenmerkend is voor de hele Kempen.

 

Geologisch en geomorfologisch moeten we meer dan 10.000 jaar terugreizen, meer bepaald zes tot zeven miljoen jaar. Aan het einde van het Mioceen (onderverdeling van het geologisch tijdperk Tertiair) ontstond toen het zogenaamde reliëf van het Hageland. Wat volgt is uiteraard geen gedetailleerde beschrijving. Dat valt immers buiten het bestek van dit werk.

 

IjzerzandsteenDe Diestiaan-transgressie plaatste zich in die tijd en betekende de laatste zee-overspoeling van Belgisch grondgebied. De resulterende kustlijn reikte zowat tot de lijn Tienen-Hasselt, waarbij parallel met de kustlijn een aantal zandbanken werden afgezet.

De daaropvolgende regressie gebeurde zeer geleidelijk, met als gevolg dat de zandbankstructuur behouden bleef. Het steeds verder dalen van de (grond)waterspiegel zorgde voor een geleidelijke blootstelling aan luchtzuurstof van de toppen van de Diestiaan-afzettingen in de zandbanken (rijk aan glauconiet-houdend zand). Die mengeling deed het ijzerrijke glauconiet oxideren tot een roestkleurig limoniet, waardoor erosiebestendig ijzerstandsteen ontstond.

 

Professor Frans GULLENTOPS beweert echter dat het ontstaan van het ijzerzandsteen zich laat verklaren door het opdrogen van de Middellandse zee 5,4 miljoen jaar geleden. De Middellandse Zee stroomde als het ware opnieuw vol door bewegingen in de aardkorst, die een breuk deden ontstaan in de landtong tussen Marokko en Gibraltar.

In onze contreien sorteerde dat een omgekeerd effect, namelijk een terugtrekking van de Diestiaan-zee die tot in het Hageland en in een deel van de Kempen kwam. Die terugtrekking zorgde ervoor dat de zandbanken in contact kwamen met de lucht. Het hoge glauconiet-gehalte van het zand van de Diestiaan-zee bestond voor een groot deel uit ijzer en oxideerde door dat contact met de lucht. De zandkorrels klitten samen en zo ontstond uiteindelijk ijzerzandsteen.

Wat er ook van zij, die omzetting ging – uiteraard – niet plaatsvinden in de lagergelegen stroken, omdat daar het hoge grondwaterpeil oxidatie tegenging. Beken en rivieren konden bijgevolg de dalen verder uitslijten, zodat de erosiebestendige zandsteenkoppen zich steeds hoger boven de tussenliggende depressie konden verheffen. Deze zandsteenkoppen werden lokaal geërodeerd tot zandige zware verweringsklei.

 

In het Quartair (Kwartair) tijdvak, meer bepaald in het Pleistoceen, werden deze Tertiaire afzettingen grotendeels bedekt met lemig zand, licht zandleem of zandleem. Afzettingen die op hun beurt weer door erosie werden aangetast. Het geërodeerde materiaal kwam vervolgens als sediment terecht in de valleien.

In de nabijheid van de relatief hoog gelegen Tertiaire zandsteenopduikingen is waarschijnlijk al het Pleistoceen materiaal weggeërodeerd. Tertiair verweringsmateriaal – zandige klei of steenhoudend grof zand – kwam tijdens het Holoceen (volgend op het Pleistoceen) via verstuiving en/of colluviatie (afzetting van het bodemmateriaal in de lagere delen) terecht in de onmiddellijke omgeving. Daarnaast was verstuiving van glauconietarm zand uit noordelijke valleien vrij algemeen, waardoor grote oppervlakten werden bedekt met stuifzand. Ontbossingen in meer recente tijden gaven uiteindelijk aanleiding tot de vorming van de huidige landduinen van Tessenderlo en Molenstede met een golvend of afgeplat reliëf en meestal excessieve drainering.

  

SN/NC: Amaranthus spinosus, Amaranthaceae Family

 

It is commonly known as the spiny amaranth, spiny pigweed, prickly amaranth or thorny amaranth, is a plant is native to the tropical Americas, but is present on most continents as an introduced species and sometimes a noxious weed. It can be a serious weed of rice cultivation in Asia. In Khmer language, it is called pti banlar and in Vietnamese giền and its ash was historically used as a grey cloth dye.

 

É comumente conhecido como amaranto espinhoso, caruru espinhoso, amaranto espinhoso ou amaranto espinhoso, é uma planta nativa das Américas tropicais, mas está presente na maioria dos continentes como uma espécie introduzida e às vezes uma erva daninha nociva. Pode ser uma erva daninha séria no cultivo de arroz na Ásia. Na língua khmer, é chamado de pti banlar e em vietnamita giền e sua cinza foi historicamente usada como tinta de tecido cinza.

 

Se le conoce comúnmente como amaranto espinoso, cenicilla espinosa, amaranto espinoso o amaranto de espinos, es una planta originaria de las Américas tropicales, pero está presente en la mayoría de los continentes como especie introducida y, a veces, como mala hierba nociva. Puede ser una mala hierba del cultivo de arroz en Asia. En idioma jemer, se llama pti banlar y en vietnamita giền y su ceniza se utilizó históricamente como tinte de tela gris.

 

Amaranthus spinous is algemeen bekend als de stekelige amarant, stekelige pigweed, stekelige amarant of doornige amarant, is een plant die inheems is in het tropische Amerika, maar is aanwezig op de meeste continenten als een geïntroduceerde soort en soms een schadelijk onkruid. Het kan een serieus onkruid zijn van de rijstteelt in Azië. In de Khmer-taal wordt het pti banlar genoemd en in het Vietnamees giền en zijn as werd historisch gebruikt als een grijze doekverf.

 

È comunemente noto come l'amaranto spinoso, la pigweed spinosa, l'amaranto spinoso, è una pianta originaria delle Americhe tropicali, ma è presente nella maggior parte dei continenti come specie introdotta e talvolta un'erbaccia nociva. Può essere una seria infestante della coltivazione del riso in Asia. In lingua khmer, si chiama pti banlar e in vietnamita giền e la sua cenere era storicamente usata come tintura per stoffa grigia.

 

Es ist allgemein bekannt als der stachelige Amaranth, der stachelige Schweinekraut, der stachelige Amaranth oder der dornige Amaranth. Es ist eine Pflanze, die im tropischen Amerika beheimatet ist, aber auf den meisten Kontinenten als eingeführte Art und manchmal als schädliches Unkraut vorkommt. Es kann ein ernstes Unkraut des Reisanbaus in Asien sein. In der Khmer-Sprache heißt es pti banlar und in vietnamesischen giền und seine Asche wurde historisch als grauer Stofffarbstoff verwendet.

 

Elle est communément connue sous le nom d'amarante épineuse, d'amarante épineuse, est une plante originaire des Amériques tropicales, mais est présente sur la plupart des continents en tant qu'espèce introduite et parfois une mauvaise herbe nuisible. Cela peut être une mauvaise herbe de la culture du riz en Asie. En langue khmère, il s'appelle pti banlar et en vietnamien giền et sa cendre était historiquement utilisée comme teinture pour tissu gris.

 

يُعرف عادةً باسم القطيفة الشوكية ، أو أعشاب الخنزير الشوكية ، أو القطيفة الشائكة أو القطيفة الشائكة ، وهي نبات موطنه الأمريكتان الاستوائية ، ولكنه موجود في معظم القارات كأنواع مُدخلة وأحيانًا حشيش ضار. يمكن أن يكون عشب خطير لزراعة الأرز في آسيا. في اللغة الخميرية ، يطلق عليه pti banlar وفي الفيتنامية giền وكان رماده يستخدم تاريخيا كصبغة قماش رمادية.

The city or giant hornet hoverfly (Volucella zonaria), seems at first sight to a wasp but is actually an innocent glider. Most are gliding into 2cm wide, the city comes out with its giant 2.6cm a head above the rest.

 

City Giants are anything but aggressive animals. The city is alive like all giant gliding, nectar and pollen from flowers and thus plays an important role in pollination.

Particularly, the development of the larva. Most types of gliding larvae eat aphids, but the larvae of these species lives on the bottom of a wasp nest inhabited. Here the larva feeds mainly on waste such as dead wasp larvae and dying wasps and therefore not harmful. How an adult giant city gets it done to be slain as intruder and invade the nest to lay her eggs, is not known.

Differences between the sexes are the eyes. In males, the compound eyes are against each other, with the females there is a partition between the eyes. The city giant in the picture was actually a female.

 

De stadsreus of hoornaarzweefvlieg (Volucella zonaria), lijkt op het eerste zicht op een wesp maar is eigenlijk een onschuldige zweefvlieg. De meeste zweefvliegen worden tot 2cm groot, de stadsreus steekt er met zijn 2,6cm een kop bovenuit.

 

Stadsreuzen zijn allesbehalve agressieve dieren. De stadsreus leeft zoals alle zweefvliegen, van nectar en stuifmeel van bloemen en speelt dus een belangrijke rol in de bestuiving.

Bijzonder is de ontwikkeling van de larve. De meeste soorten zweefvliegenlarven eten bladluizen, maar de larve van deze soort leeft op de bodem van een bewoond wespennest. Hier voedt de larve zich voornamelijk met afval zoals dode wespenlarven en stervende wespen en is dus helemaal niet schadelijk. Hoe een adulte stadsreus het voor elkaar krijgt om niet als indringer gedood te worden en het nest binnen te dringen om haar eitjes te leggen, is niet bekend.

Een verschil tussen de geslachten zijn de ogen. Bij de mannetjes staan de facetogen tegen elkaar aan, bij de vrouwtjes zit er een tussenschot tussen de ogen. De stadsreus op de foto was dus eigenlijk een stadsreuzin.

 

Many thanks to everyone who chooses to leave a comment or who adds this image to their favorites, it is much appreciated.

Cor

  

Wiki:

De superfamilie goudwespachtigen (Bethyloidea) is een groep van insecten die behoort tot de vliesvleugeligen. Goudwespachtigen zijn een superfamilie die een aantal minder bekende families van wespen bevat. Sommige soorten zijn erg bekend vanwege de bonte iriserende lichaamskleur. Lange tijd werden de goudwespachtigen tot de superfamilie Chrysidoidea gerekend.

 

Goudwespachtigen behoren tot de Aculeata, de angeldragers, een sectie binnen de onderorde Apocrita, onderdeel van de orde vliesvleugeligen (Hymenoptera). De belangrijkste vertegenwoordigers van deze superfamilie worden gevormd door de goudwespen (Chrysididae), maar ook de minder bekende families als de platkopwespen (Bethylidae) en tangwespen (Dryinidae) en de nog kleinere familie (wat betreft aantal) van peerkopwespen (Embolemidae) behoren hiertoe.

 

De verschillende families hebben zo hun eigen anatomie, levenswijze en voortplanting. Tangwespen jagen op andere insecten en hebben hiertoe tot grijpklauwen omgevormde voorpootjes, net als de niet-verwante bidsprinkhanen (Mantodea). Platkopwespen leggen de eitjes in de buurt van een larve van een ander insect. Als het ei uitkomt kruipt de wespenlarve op de door zijn moeder gevangen en verlamde prooi, en leeft de eerste tijd van de lichaamssappen. Pas in de laatste stadia eet de larve zijn prooi helemaal op en verpopt, het is dus voornamelijk een externe parasiet, dit in tegenstelling tot veel sluipwespen. Platkopwespen zijn meestal nuttige diertjes die ook leven van de larven van schadelijke insecten als houtverwoestende boktorren (Cerambicydae) en larven van kleermotten (Tineola biseliella).

 

Peerkopwespen hebben een kenmerkende kop en opvallend dikke antennes. De larven parasiteren uitwendig op met name nimfen van halfvleugeligen (orde Hemiptera). De larven zijn net als de larven van platkopwespen uitwendige parasieten die alleen met de kop in de gastheer steken.

 

De goudwespen met name doen de naam eer aan en behoren tot de mooiste insecten van Nederland wat betreft kleur. Het zijn als larve parasitair levende insecten, die (zie foto rechtsboven) met belangstelling de activiteiten van een plooivleugelwesp gade slaan. Wanneer de plooivleugelwesp een ei gelegd heeft, zal de goudwesp in hetzelfde nest ook een ei leggen. De larve van de goudwesp eet de larve van de plooivleugelwesp en de voedselvoorraad op. Ze worden hierdoor ook wel koekoekswespen genoemd. Er zijn ook koekoekshommels en andere soorten insecten die de eitjes in het nest van een andere soort leggen; ze danken hun naam aan de koekoek, een vogel die hetzelfde trucje toepast. In Nederland komen 13 geslachten goudwespen voor.

  

19A_4426+++CCC+N+

Kaas van de boerderij van de familie van Erk, Berkenwoude

Support de lokale boer

Winkel; Een Palet van Smaken

Zeeuws-Vlaanderen

Zeeland

Nederland

11 mei 2022

 

Gethermiseerde kaas

 

Dit houdt in dat het niet als boerenkaas (rauwmelks) gezien mag worden, maar ook niet als gepasteuriseerd. Bij thermiseren wordt de melk 20 seconden verwarmd naar 65 graden, waardoor eventuele schadelijke bacteriën worden uitgeschakeld, en toch zijn smaak behoudt.

 

www.mijnboerenkaas.nl/onze-boeren/van-erk-berkenwoude/

 

Thermisierter Käse

Dies bedeutet, dass er weder als Bauernkäse (Rohmilch) noch als pasteurisiert angesehen werden sollte. Beim Thermisieren wird die Milch 20 Sekunden lang auf 65 Grad erhitzt, wodurch alle schädlichen Bakterien beseitigt werden, während der Geschmack erhalten bleibt.

 

Fromage thermisé

Cela signifie qu'il ne doit pas être considéré comme un fromage fermier (lait cru), ni comme pasteurisé. Lors de la thermisation, le lait est chauffé à 65 degrés pendant 20 secondes, ce qui élimine toute bactérie nocive, tout en conservant son goût.

Aan de overkant van het Lago di Braies (dus recht tegenover de bekende fotoplek, voor degene die er geweest zijn) hebben wandelaars heel wat stenen gestapeld aan de oever van het meer, in het Engels ook wel bekend onder de term cairns. M'n oog viel op dit stapeltje, waar 'Ciao' op was geschreven. Overigens lijkt dit onschuldig, maar zijn de gestapelde stenen wel degelijk schadelijk voor de natuur en is dit zelfs in sommige landen al verboden.

 

Braies / Prags, Italië

 

On the other side of Lago di Braies (so right opposite the famous photo spot, for those who have been there), walkers have piled a lot of stones on the shore of the lake, also known as cairns. My eye fell on this pile with 'Ciao' written on it. Incidentally, this seems harmless, but the cairns are indeed harmful to nature and this has even been banned in some countries.

 

Braies / Prags, Italy

Deze kastanje met bloedingsziekte krijgt een warmtebehandeling. Door de boom 48 uur lang tot 40º C te verwarmen, wordt de schadelijke bacterie gedood.

De witte stranden van Vada en Rosignano zijn stranden die vooral bekend zijn bij de Italianen, dus heel veel toeristen zie je hier niet. Het strand is echter niet van zichzelf zo 'wit', in de buurt ligt namelijk de chemische Rosignano Solvay fabriek. Zij produceren een soort soda en lozen een deel van het afvalwater in zee, waardoor het zand automatisch bleekt. Schadelijk voor de gezondheid is het gelukkig niet, zo zeggen ze.

 

Rosignano Solvay, Italië

 

The white beaches of Vada and Rosignano are beaches that are mostly known to the Italians, so you don't see many tourists here. However, the beach is not originally so 'white' itself, nearby is the chemical Rosignano Solvay factory. They produce a kind of soda and discharge a part of the waste water into the sea. which automatically bleaches the sand. It's not harmful to health, they say.

 

Rosignano Solvay, Italy

Heracleum mantegazzianum, commonly known as giant hogweed, is a monocarpicperennial herbaceous flowering plant in the carrot family Apiaceae. H. mantegazzianum is also known as cartwheel-flower,giant cow parsley, ant cow parsnip, or hogsbane. In New Zealand, it is also sometimes called wild parsnip (not to be confused with Pastinaca sativa) or wild rhubarb.

 

In de 19e eeuw is de reuzenberenklauw uit Zuidwest-Azië als tuinplant in Europageïntroduceerd. In de Benelux is deze exoot volledig ingeburgerd. De reuzenberenklauw wordt anno 2010 steeds vaker in verstedelijkt gebied aangetroffen en, mede om de schadelijke werking van het sap van deze plant op huid en ogen, in toenemende mate als een probleem ervaren. Sinds 2 augustus 2017 is in alle landen van de Europese Unie bestrijding van de plant verplicht, en verhandelen ervan verboden, omdat de soort toen werd opgenomen op de Unielijst van invasieve soorten.

Goederentreinen en de Drechtsteden: het is nauw verbonden met elkander, want anno 2017 vindt er nog steeds spoorgoederenvervoer plaats in dit gebied. Heden ten dage resten er nog welgeteld drie locaties in de regio Dordrecht waar goederentreinen hun bestemming vinden, te weten Zwijndrecht (Van Leeuwen Buizen), de Zeehaven en Dordrecht Industrie. De schrijver dezes was nog nimmer bij een dezer bedieningen geweest, doch deze zonnige woensdag in september kwam daar verandering in. Samen met een representant van het team Bodegraven werd besloten om de bediening van Chemours vast te leggen, ook mijn mede-fotograaf was hier nog niet geweest.

 

Wel, nadat ondergetekende in Amsterdam klaar was met zijn verplichtingen voor die dag, kon er richting Dordrecht worden getrokken. Onderwijl werd nog een fotootje gemaakt in Gouda, waarna verder kon worden getrokken richting de Drechtsteden. Na een fietstocht door de prachtige achterstandswijken van Dordrecht, werd allereerst bij de Wantijbrug gehalteerd. Deze brug, een der kenmerkende locaties van de Betuwelijn, is alweer twintig jaar oud, een van de nieuwste bovenleidingloze bruggen dus. De locatie is in zekere zin een mooi plekje, edoch ware een ladder hier net iets fijner geweest moesten we concluderen. De fietstocht werd voortgezet, waarna tegen half zes het industrieterrein De Staart werd bereikt. Helaas is het spoorvervoer ook hier wat verminderd, daar alleen Chemours nog goederentreinen ziet. Anderzijds is het geen gedane zaak met de treinen alhier, want nog iedere dag arriveren er nieuwe ketelwagens - die methanol bevatten - bij het Dordtse bedrijf. Ofschoon de omwonenden Chemours liever vandaag dan morgen zien vertrekken vanwege het gebruik van schadelijke middelen, is de fotograaf juist ingenomen dat hier nog steeds vervoer plaatsvindt: het zou niet verwonderlijk zijn als ook hier de lading niet middels goederentreinen wordt aangevoerd, maar door middel van vrachtwagens.

 

De bediening van het bedrijf vindt plaats op een redelijk fotograafvriendelijk tijdstip, namelijk zo rond zessen. We wisten gelukkig dat de rit vanaf de Kijfhoek naar Chemours een halfuur te laat was en dat deze bovendien geen lading meehad, zodat ons beider verwachtingen van deze trein niet beschaamd werden. Na zessen was het moment dan daar: langzaam, doch gestadig, kwam de losse diesellocomotief van het Duitse DB Cargo door de ruime boog langs het meer rijden, om ten eerste te stoppen voor de grote weg, alwaar de rangeerder de overweginstallatie activeert. Men reed snel door, om op het kleine emplacement de bewaking op te bellen, zodat het hek werd opengedaan. Veiligheid gaat kennelijk boven alles bij dit bedrijf, want het hekwerk opende zich pas toen de locomotief er niet veel meer van verdwijderd was, en bovendien sloot het hekwerk wederom vrij snel na het passeren van de locomotief. Zoals gezegd was er geen aanvoer, waardoor men slechts hoefde door te rijden naar achteren, terug te steken, om zo tegen de afvoertrein te rijden en deze te koppelen aan de loc. Vervolgens reed men geduwd naar het emplacement, zodat de afvoertrein weer snel kon vertrekken. De bediening geschiedde derhalve in een snel tempo, en nog geen halfuur later was men al gereed om te vertrekken naar de Kijfhoek. De trein was echter ingelegd krachtens de oorspronkelijke dienstregeling, waardoor de machinisten rustig hun vertrektijd moesten afwachten voor de aansluiting op de Betuwelijn.

 

Uw fotograaf was hier niet rouwig om, want dit bood ons de gelegenheid de afvoertrein goed vast te leggen. Daarenboven was het reeds kwart voor zeven, hetgeen betekent dat de zon bijna onder zou gaan. De 6423 'Chris' - genoemd naar een voormalige directeur van de Combines Terminals Amsterdam - staat met haar zeven ketelwagens gereed voor de aansluiting als werkdagelijkse afvoertrein 62023 naar de Kijfhoek, waarna de ketelwagens zullen worden gebracht naar de Europoort. Nog een uur, en dan zouden de twee machinisten groen licht krijgen om te vertrekken richting het reusachtige rangeerterrein. In het laatste licht kon dientenvolge de mijns inziens leukste opname dezes dags gemaakt worden, die U hierboven hebt kunnen aanschouwen. Met voldoening kon de terugreis worden aangevangen, terugkijkend op een mooie avond.

Na passage van de beide Lintjes bij het inrijsein van Millingen reed ik door naar het station van Millingen. In de verte zag ik op Millingen Gbf de Solvay 8 rangeren. Ik hoopte dat ze met een trein terug zou rijden naar Solvay... dus snel naar Solvay toe.

 

Maar eerst deze twee foto's van Solvay 7; een Mak G1203BB. Deze lok met fabrieksnummer 1000818 werd in 1985 aan Solvay geleverd en rijdt er nog steeds.

 

Maar eerst even terug naar Solvay zelf. Een stukje tekst om uit te leggen waarom hier in Millingen / Rheinberg een sodafabriek staat:

 

Grofweg sinds 1850 werd in de Niederrhein via mijnbouw kolen gewonnen. Tot de sluiting van het grote Bergwerk West in Kamp-Lintfort per 31 december 2012 was het station Rheinkamp een belangrijk overgaveemplacement voor de talrijke kolentreinen.

 

Een paar kilometer verder aan de KBS 498 (Xanten - Duisburg) vinden we Rheinberg. Ook in de omgeving van dit stadje werd gezocht naar kolen. Bij proefboringen in 1897 stuitte men echter niet alleen op kolen maar vooral ook op de aanwezigheid van een dikke zoutlaag; later zou blijken dat deze zoutlaag ongeveer 200 meter dik is en 50 kilometer lang.

 

In 1906 opende Solvay een sodafabriek in Rheinberg waarbij eerst wat zoutwater werd opgepompd. Maar dat kon via mijnbouw veel grootschaliger en na de bouw van een aantal schachten wordt sinds 1926 in mijnbouw steenzout gewonnen in Borth. De mijn is zelfs recent gemoderniseerd en de concessie is verleend tot in ieder geval 2050!!!

 

Het zout zelf werd tot 2014 in houten openbak wagens naar de eigen met Solvay gedeelde Rheinhaven “An der Momm” gebracht voor overslag op binnenvaart.

 

Een ander deel van het zout wordt dus door Solvay gebruikt voor de productie van soda. Het toegepaste Solvayproces is daarbij het proces voor de vervaardiging van natriumcarbonaat (soda) uit natriumchloride (uit steenzout) en calciumcarbonaat (uit kalksteen).

 

Soda kon aan het begin van de vorige eeuw reeds op industriële schaal worden vervaardigd via het Leblancproces. Hieraan waren diverse nadelen verbonden. Ten eerste waren er diverse nevenprocessen nodig om het proces te laten functioneren. Het proces vond plaats bij hoge temperaturen, wat een hoog energiegebruik met zich meebracht en de materialen bevonden zich tijdens de processen gewoonlijk in vaste vorm. Bovendien kwam het schadelijke restproduct calciumsulfide in grote hoeveelheden vrij.

 

Het Solvayproces werd ontwikkeld door Ernest Solvay, die op 15 april 1861 zijn proces voor octrooiering aanmeldde. In 1863 richtte hij met familie en vrienden het bedrijf "Solvay & Cie." op, dat in 1865 een sodafabriek in Couillet opstartte. Aanvankelijk werd 1,5 ton soda, de zogenaamde ammoniak-soda, per dag geproduceerd. In 1870 waren de kinderziekten van het proces overwonnen en de productie van Solvaysoda nam sterk toe. Omstreeks 1890 werd er in Duitsland al meer Solvaysoda dan Leblancsoda geproduceerd en na 1914 stortte de Leblancproductie geheel in. Doordat de Solvaysoda veel goedkoper was dan de Leblancsoda, was het laatste proces gedoemd te verdwijnen.

 

Een nadeel van het solvayproces is dat er meer keukenzout vereist is per eenheid geproduceerde soda. Daarom werden Solvay fabrieken gewoonlijk gevestigd nabij voorkomens van zout en eventueel kalksteen en steenkool. Het benodigde ammoniak werd oorspronkelijk gewonnen uit ammoniakwater, een bijproduct van gasfabrieken en cokesfabrieken.

 

Zo ook de Solvay fabriek in Rheinberg: zout zit in de grond, kolen was dichtbij en in de omgeving waren ook meerdere gas- en cokesfabrieken te vinden.

En dat kalksteen; dat wordt per trein en of boot aangevoerd. Per trein onder andere door DB Cargo vanuit het Belgische Yves Gomezee.

 

Voor dit alles zijn redelijk wat treinbewegingen nodig die Solvay zelf uitvoert op haar eigen terrein en in de verbindingen naar de haven en naar Millingen Gbf. Jarenlang werd ook door Solvay het zout vanuit de mijn van Borth naar de haven vervoerd.

 

Dan de foto:

Hier zien we Solvay 7 in hara huidige rode jasje tijdens een rangeerbeweging ter hoogte van het centrale seinhuis van Solvay.

 

Solvay bedient met haar spoorwegnet overigens ook de buren: het chemiebedrijf Ineos Inovyn, waar vooral PVC gemaakt wordt.

 

Want ook voor het maken van PVC is zout nodig... door oxychlorering wordt daarbij in een eerste productie stap 1,2-dichloorethaan bereid als reactie van etheen met waterstofchloride (bereid uit natriumchloride = keukenzout en geconcentreerd zwavelzuur) en zuurstofgas. Vervolgens wordt 1,2-dichloorethaan in een oven bij ongeveer 500°C gekraakt tot vinylchloride en waterstofchloride. Vinylchloride is daarbij het monomeer van polyvinylchloride (pvc),

 

Een lang verhaal... om aan te tonen dat een zoutmijn niet alleen tot het transport van zout leidde, maar ook tot vervoer per spoor van kalksteen, kolen- en cokes, soda en vele chemicaliën.

 

16 mei 2025

Zwarte kraaien zijn bij veel mensen niet bijzonder populair. Dat is erg jammer; kraaien doen niets verkeerd (in de natuur bestaat dat niet), het is een stigma dat ze door mensen is toebedeeld. De levenswijze van kraaien botst op sommige punten met bijvoorbeeld de belangen van boeren, doordat ze zaaigoed opeten. Daar staat tegenover dat kraaien ook een enorme hoeveelheid emelten eten, die ook schadelijk zijn voor landbouwgewassen. Kraaien vertonen opvallend intelligente gedragspatronen. Ze onderhouden een intensieve communicatie, en zijn zelfs betrapt op het gebruiken van primitieve vormen van gereedschap om problemen op te lossen, iets dat men tot voorkort aan mensen en mensapen voorbehouden achtte. Bovendien zijn kraaien (in feite alle kraaiachtigen) zangvogels! Dat is iets dat waarschijnlijk alleen door vogeltaxonomen begrepen wordt, hun gekras in aanmerking nemend.

 

Bron: vogelbescherming.nl

  

© Bram Reinders

 

www.bramreinders.nl

In het bos tussen Ermelo en Putten heeft onlangs op een perceel naast de spoorlijn flinke kaalslag plaatsgevonden. De boswachter wist me te vertellen dat er op dit perceel een boomsoort groeide die schadelijk voor de rest van het bos was en daarom gekapt is. Er zijn nu naaldboompjes teruggeplant. Maar voordat die flink de lucht in gaan, hebben we er tijdelijk een aardige fotostek bij :-)

 

Op 24 april 2021 stuiven de NS Reizigers ICMm stellen 4248 en 4225 langs het kaalgekapte stukje bos tussen Ermelo en Putten. De stellen zijn als Intercity 638 onderweg vanuit Leeuwarden naar Rotterdam Centraal.

Bladhaantjes zijn een voor de land- en tuinbouw schadelijke familie kevers, zo ook dit vijf millimeter kleine grashaantje (Oulema melanopus). De larves van dit prachtig blauw/groen met rood gekleurde kevertje zijn bijzonder schadelijk voor granen. De soort komt over de hele wereld voor.

 

Het macro seizoen gaat weer los na enig speurwerk in de tuin kun je de eerste kevers weer vinden.

De toenemende antipathie tegen fossiele brandstoffen als aardolie, aardgas en steenkool maakt dat het gebruik ervan onder een vergrootglas ligt. De verbranding ervan levert schadelijke uitstoot van CO2 op, een onderwerp dat sinds begin 21e eeuw verregaande aandacht kreeg doordat Al Gore zich met het redden van de aarde ging bemoeien. De toenemende bewustwording van de noodzaak zuiniger met onze aardkloot om te gaan zorgt ervoor dat steeds meer overgeschakeld wordt op duurzame energie. Kolen gestookte energiecentrales raken daardoor overbodig, sluiten de poort en dat impliceert een afnemende vraag naar steenkool. Met welke snelheid de CO2 uitstoot wordt afgebouwd naar nul is nog in de nevelen van de rook uit de kolencentrales gehuld, het is een netelige kwestie. Amerika is al uit het klimaatakkoord van Parijs gestapt. Op landelijk niveau zien we dat het Havenbedrijf Rotterdam het huurcontract met overslagbedrijf EMO met 25 jaar heeft verlengd, daar waar Port of Amsterdam en OBA juist een afname van de kolenopslagcapaciteit van 20 procent nog dit jaar overeen gekomen zijn.

Dat laatste is niet eens heel verwonderlijk, het past in toekomstbeeld dat Amsterdam van zijn haven lijkt te hebben: woningbouw, windmolens en zo weinig mogelijk bedrijven. Men is dan wel de sluizen bij IJmuiden aan het uitbreiden om grotere schepen in Amsterdam te kunnen ontvangen, maar waarvoor eigenlijk? Toeristen is men in Amsterdam ook al beu, dus op grotere cruiseschepen dan nu aanleggen bij het Centraal Station zit men kennelijk ook al niet te wachten.

Ondanks alles is er nu nog wel kolenvervoer vanuit de Amsterdamse haven, zij het op veel kleinere schaal dan een paar jaar geleden. Hoofdgast DB Cargo rijdt vanaf OBA nog maar een handvol treinen richting Duitsland, daar waar dat recentelijk nog 2 à 3 stuks per dag waren. Vanaf de Rietlanden in de Houtrakpolder is het niveau onveranderd beperkt tot 1 per dag. Na een stop sinds afgelopen mei heeft LTE vanaf midden juli weer de draad opgepakt met het rijden van treinen vanaf OBA. Viermaal per week wordt vanuit de Westhaven met een kolentrein vertrokken naar Mannheim. De trein bestaat uit een set blauwe VTG wagens die in de eerste weken de fraaie 189 213 als tractie voor zich vond. Als trein 47708 is deze set bij Duivendrecht leeg onderweg richting de Westhaven. 25 juli 2018

Dutch/ English

 

De bladkevers (Chrysomelidae) zijn een familie van insecten uit de orde van de kevers. Bladkevers leven van planten. De familie telt meer dan 35000 soorten in ruim 2500 geslachten. Sommige volwassen kevers eten stuifmeel, maar de meesten zijn bladeters. Sommige soorten zijn schadelijk en weer andere bewijzen hun nut bij biologische onkruidbestrijding.

 

The leaf beetles (Chrysomelidae) are a family of insects in the order of beetles. Leaf beetles feed on plants. The family has more than 35,000 species in more than 2,500 genera. Some adult beetles eat pollen, but most are leaf eaters. Some species are harmful and still others prove their usefulness in biological weed control.

 

(Wikipedia)

 

paulvandevelde.myportfolio.com/

Volgens de huidige planning is het oer-dubbeldeksmaterieel DDM-1 nog tot 10 december 2019 in actieve dienst te aanschouwen op het spoor. Deze zomerdienstregeling zou de laatste moeten zijn waarin het is opgenomen voor het rijden van voornamelijk spitstreinen tussen Haarlem en Alkmaar. Stammend uit 1984 en voortbewogen door loks 1700 die ook met uitsterven bedreigd zijn, zien de rijtuigen er nog opmerkelijk fris uit in hun gele kleur. Zeker afgezet tegen het bleke huidje van de 10 jaar jongere 1700’en. De rijtuigen zijn nog altijd voorzien van hun oorspronkelijke verfje dat bouwer Talbot in Aken er 35 jaar geleden op aanbracht. De gele verf waarmee materieel voorzien was dat na de levering van het DDM-1 op het spoor kwam, trok al na enkele jaren wit weg. Is het de grondlak waarin het schadelijke chroom-6 verwerkt zit de reden dat de verf er nog zo goed uit ziet of gebruikte men in Duitsland simpelweg dubbeldekkende verf?

Vertrekkend vanaf afwijkend spoor 8, omdat op het oorspronkelijke vertrekspoor 5 bezet bleef door een stam soortgenoten met deurproblemen, passeert de slechts 25 jaar oude 1779 met stam 7201 met daarin de eerste dubbeldekskopbak ooit, alweer 35 jaren oud, een paar museale spoormemorabilia: de overkapping boven spoor 6 uit 1906 en 2 bovenleidingmasten uit het elektrificatiejaar 1927. Lang niet alles wordt op jonge leeftijd al bij het grof vuil gezet bij de spoorwegen zo blijkt. 25 juli 2019

1st image: Barley (Gerst).

 

2nd image: Oats (Haver).

 

Kind regards and have a healthy Sunday: Dutch Farmers.

 

As a kid we had, as holiday work, to pick the wild Oats (wilde Haver) out of the fields,

at home on the farm.

   

Wild Oats is a troublesome weed, because of the long life of the seed and the rapid multiplication. It is particularly harmful in the cultivation of cereal and grass seeds.

 

Wilde haver is een lastig onkruid, door de levensduur van het zaad en de snelle vermeerdering. Het is met name schadelijk in de teelt van zaaigranen en graszaden (Productschap akkerbouw)

Zwarte kraaien zijn bij veel mensen niet bijzonder populair. Dat is erg jammer; kraaien doen niets verkeerd (in de natuur bestaat dat niet), het is een stigma dat ze door mensen is toebedeeld. De levenswijze van kraaien botst op sommige punten met bijvoorbeeld de belangen van boeren, doordat ze zaaigoed opeten. Daar staat tegenover dat kraaien ook een enorme hoeveelheid emelten eten, die ook schadelijk zijn voor landbouwgewassen. Kraaien vertonen opvallend intelligente gedragspatronen. Ze onderhouden een intensieve communicatie, en zijn zelfs betrapt op het gebruiken van primitieve vormen van gereedschap om problemen op te lossen, iets dat men tot voor kort aan mensen en mensapen voorbehouden achtte. Bovendien zijn kraaien (in feite alle kraaiachtigen) zangvogels!

  

Een dagje genieten vanuit hut 8 van Glenn Vermeersch, het was weer een mooie dag ...

 

glennvermeersch.be/fotohutten.html

 

De goudvink is een stevige vink (orde der zangvogels), met een 'stierennek', die ondanks zijn opvallende uiterlijk vaak over het hoofd wordt gezien, omdat hij zo schuw is en zo'n verborgen leven leidt.

 

De goudvink wordt door fruitkwekers wel als schadelijk beschouwd, omdat hij zich soms voedt met bloem- en bladknoppen van fruitbomen.

 

Bron: nl.wikipedia.org/wiki/Goudvink

Scientific name: Graphocephala fennahi

 

Wetenschappelijke naam: Graphocephala fennahi

 

Rhododendroncicade

 

Lengte 8-9 mm, juli-november

 

Kenmerken

Zeer fraai getekende soort. Buikzijde en poten geel rugzijde met diepgroen met 2 rode lengtestrepen op de voorvleugels.

 

Voorkomen

Noord-Amerikaanse soort. Ingeburgerd in tuinen en parken met Rhododendron-struiken.

 

Levenswijze

De ontwikkeling vindt uitsluitend plaats op Rhododendron planten en de volwassen dieren zijn hier ook nog op te vinden, vaak zonnend in grote aantallen op de bladeren. Bij verstoringen gaan zij onder het blad zitten of vliegen weg. Als volwassen insect zijn zij voor hun voedsel niet meer afhankelijk van Rhododendron, maar kunnen zij zich ook voeden met het sap van andere planten. Grote populaties van deze soort kunnen schadelijk zijn: zij veroorzaken zichtbare zuigschade door gele vlekken en zij kunnen ook de kiemen van plantenziekten overdragen. De soort werd omstreeks 1930 van Noord-Amerika naar Engeland ingevoerd met plantenmateriaal, waarna hij zich vestigde en snel uitbreidde in kwekerijen en tuinen. Dertig tot veertig jaar later bereikte de cicade het vaste land van Europa en is hier nu inmiddels overal aan te treffen.

 

soortenbank

 

Graphocephala fennahi

Rhododendron Leafhopper

Family: Cicadellidae

 

This large and striking species is native to the USA, where it is known as the scarlet and green leafhopper. It was introduced to Europe in the early 1900s, and can now be found widely in southern Britain. Both adults and larvae feed on Rhododendron sap, and it is one of the few insects to use this shrub as a foodplant.

 

Adults can be found from mid-summer until quite late in the autumn, laying eggs in the leaf buds which hatch the following spring.

 

Adult: July-Novemeber

Length 8-10 mm

 

Op dit moment wordt op veel plaatsen in de gemeente Zijpe land onder water gezet om de aaltjes te doden die schadelijk zijn voor de bloembollenteelt. Vele soorten vogels profiteren hiervan om in deze inundaties te fourageren. Molen-P behoort tot een hele reeks molens die in de 16e eeuw de polder Zijpe droog legde.

 

At this moment our lowlands are inundated to drown small worms which are harmful to the flourbulbs. Lots of birds find their food in these inundations. Mill-P is one of the many mills that created our lowlands in the 16th century.

Het Middengasthuis is een hofje gesitueerd aan de zuidzijde van de Kleine Rozenstraat in de stad Groningen. Het gasthuis stamt uit 1873 en is een rijksmonument.

 

Het Middengasthuis is gesticht door het Algemeen Diakengezelschap. Deze in 1838 opgerichte vereniging van Nederlands-hervormde diakenen en oud-diakenen wenste zich niet alleen bezig te houden met het eigen 'vriendschappelijke verkeer'. Zij stelde zich ook ten doel 'liefdadige instellingen' op te richten en in stand te houden 'tot nut der armen'. Zo werden in 1843 aan de toenmalige Violetsteeg, 'twaalf armenwoningen' of kamers gebouwd en vier jaar later had het Gezelschap verspreid over de stad al zeven door de diaconie beheerde complexen van 'kamers'.

 

In 1867 besloot het Algemeen Diaken Gezelschap een gasthuis te stichten voor 'fatsoenlijke, oppassende handwerkslieden en dienstboden, te min vermogend om een plaats in een gasthuis met een hooge inkoopsom en nog te goed om eene plaats in het diaconiegasthuis te zoeken'.

 

Drie jaar later werden aan de Kleine Rozenstraat twee behuizingen en een tuin gekocht en uit het Gezelschap ontstond de vereniging 'het Middengasthuis'. Nadat zij op 7 november 1872 koninklijk was goedgekeurd en de bebouwing was gesloopt, werden er het volgende jaar 21 nieuwe 'woonkamers' neergezet. Langs de noord- en oostrand van de tuin stonden leilinden tegen de 'schadelijke' zonnestralen en het midden deed dienst als bleekveld. Naast de pomp was er ook ruimte voor een kleine groentetuin.

 

Hervormden van 55 jaar en ouder konden zich een plaats in het gasthuis kopen. Aan de Kleine Rozenstraat werd het Middengasthuis in de loop der jaren door aankopen met zes huisjes uitgebreid (huidige nummers 8 t/m 14) maar vanwege het succes werd het alsnog te klein. Daarom werd in de nabijgelegen Grote Leliestraat in 1895 een tweede Middengasthuis gesticht.

 

Bron: nl.wikipedia.org/wiki/Middengasthuis_%28Kleine_Rozenstraa...

Making of for this week's MacroMondays challenge "Poisonous" .

 

Welcome to my Flickr space & thank you for visiting,

hope you enjoy my images.

 

Don't use this image on any media without my permission.

You can contact me on my website at:

www.digifred.nl

  

Thanks for > 5 000 000 views.

 

Digifred_MM_Making_of_2017_9755

Chemistry plant Chemours (DuPont de Nemours) continues to catch news with pollutants by air and surface water

 

Available for licensing, buy it here

 

All Rights Reserved - LYSVIK PHOTOS

Willemstad, the Netherlands.

Rijksmonument 38968

 

Op een prominente plaats, tegen het binnentalud van de Westdijk – nu Raadhuisstraat – en de westhoek van de Voorstraat, verrees in 1587 een raadhuis.

Tot dan toe vergaderden de schepenen in een herberg en werd de administratie bij de secretaris thuis gedaan.

Het jaar daarvoor had prins Maurits een bedrag van zeshonderd gulden toegezegd als bijdrage voor de bouw van een kerk, toren en uurwerk. Maar voor een kerk én een door hen gewenst raadhuis was geen geld. De oplossing werd gevonden door een raadhuis te bouwen met toren, luidklok en uurwerk waarin ook kerkdiensten konden worden gehouden.

Naast de zeshonderd gulden van de prins moest de magistraat nog vierentwintighonderd gulden ten laste van de stadskas opbrengen. Die was echter leeg en men kreeg toestemming van de prins dit bedrag op de minst schadelijke wijze door de ingezetenen te laten opbrengen. Zelf reserveerde hij het 'gevangenhuis' onder de toren en het kamertje tussen de roepstoel en het uurwerk om er charters en andere papieren in op te bergen. Niet bekend is wie het ontwerp voor het raadhuis maakte.

 

Voor de toren werden een uurwerk en twee luidklokken aangeschaft, een grote en een kleine, de laatste voor het halve uur. De kleine klok werd nieuw aangeschaft van de Utrechtse klokken- en geschutsgieter Thomas Both. Dit blijkt uit het opschrift van de klok: "Soli Deo Gloria – Thomas Both me fecit 1588". Deze klok verhuisde in 1610 van de raadhuistoren naar de Koepelkerk. Over bleef de klok die nu nog steeds in de toren hangt en elk half uur haar geluid doet horen. De herkomst hiervan is niet bekend. Deze klok, zonder enig ornament of opschrift, is door de campanoloog André Lehr, hoofdconservator van het nationaal Beiaardmuseum te Asten, herkend als een model uit het einde van de 12e eeuw.

Het is een van de oudste luidklokken van Nederland en zeker de oudste klok van Noord-Brabant. Toen de klok in 1588 of 1589 in de pas gereed gekomen toren werd ingehangen, was zij dus vermoedelijk al vier eeuwen oud!

 

Nog steeds slaat ze dag en nacht de hele en de halve uren die het uurwerk haar aangeeft. Haar geluid werd gehoord als de stadspoorten opengingen en voordat zij gesloten werden. Er werd brand en onraad mee geklept. Ook werd er victorie mee geslagen als er in oorlogsjaren een belangrijke stad werd herwonnen of als er een vrede werd gesloten. Geluid werd er bij de verjaardag van een prins van Oranje en zeer langdurig bij diens dood. Men kon ook bij een gewone begrafenis de stadsklok tegen betaling laten luiden. Tot 1922 werd ook zondagsavonds met de stadsklok geluid. Men wist niet meer waar het voor diende, maar het was een traditie geworden. De klok werd evenals de beide kerkklokken op 1 maart 1943 door de Duitse bezetters gevorderd.

 

Ze werd gelukkig niet tot oorlogstuig omgesmolten en in september 1945 kwam de klok weer terug. Al gauw was haar geluid weer elk half uur te horen.

Belangrijk was ook het luiden van de klok om de ingezetenen op te roepen als er proclamaties en verordeningen werden afgeroepen. In de toren was hiertoe een fraaie roepstoel met een bakstenen stergewelf gebouwd. Boven de roepstoel was een wapensteen aangebracht, welk wapen in 1798 tijdens het Bataafs/Franse bewind werd verwijderd.

Op de toren prijkt sedert 1588 een zonnewijzer en bovenop de torenspits een windwijzer in de vorm van een meerman met in de hand een zwaard. Aan de zuidoostzijde van de toren stond de kaakpaal met krammen, kettingen en beugels om daar gestraften 'aan de kaak' te stellen.

 

Aanvankelijk was het raadhuis een eenvoudig rechthoekig gebouw met een toren tegen de korte gevel. De magistraat vond dit kennelijk een beetje té eenvoudig en gaf in 1620 opdracht aan de Dordtse steenhouwer Frans Leenwijnsse een ontwerp te maken voor een Vlaamse gevel. Met een Vlaamse gevel wordt verstaan een langgevel waarin in het midden een dakkapel is opgenomen. Er werd een geheel nieuwe kap geplaatst, nu gedekt met leien in plaats van dakpannen.

In het dak kwamen enkele dakvensters, die tot dan ontbraken. Op de vliering werden rekken voor de musketten gezet en op de zolder werd een kamer met portaal afgeschoten voor het bewaren van 'gereedschap van oorlog', zoals spiesen, hellebaarden, lonten en scheppen. De rest van de zolder werd evenals de kelders verhuurd. De beide zijgevels kregen ieder vier kantelen waarop als versiering stenen peren en vlambollen werden geplaatst. Boven in de voorgevel kwam in een nis het beeld van Vrouwe Justitia te staan met zwaard en weegschaal in de handen. Dat beeld stond voor recht en gerechtigheid.

Hopelijk zullen de schepenen dit in gedachten hebben gehad bij hun rechtspraak. Het zwaard van de scherprechter is hier overigens meermalen gehanteerd. De nieuwe gevel kreeg drie hardstenen kruisvensters. Als baksteen werd, evenals in de Koepelkerk, rode Leidse steen gebruikt, die goed glad geslepen moest zijn. Boven de deur werden drie geschilderde en vergulde wapenstenen geplaatst. In het midden dat van prins Maurits met twee leeuwen met links daarvan het wapen van het hertogdom Brabant en rechts het stadswapen. Deze wapenstenen werden eveneens in 1798 verwijderd. In 1937 werden bij de restauratie nieuwe wapenstenen aangebracht, waarbij het wapen van Brabant vervangen werd door dat van Jan IV van Glymes, de markies van Bergen op Zoom.

 

Bij een grote restauratie in 1786 wilde men het gebouw zijn oorspronkelijke schoonheid teruggeven. De verweerde oude stenen en de voegen moesten van alle vuiligheid ontdaan worden om het oude en nieuwe werk "één egale, uniforme en sierlijke couleur te doen bekomen". De toren, die naar het zuidoosten ging afwijken, werd aan het raadhuis geankerd.

 

In 1807 werd de koningsspil (de paal op de spits) van de toren vervangen en de daarop staande windwijzer gerepareerd. Vijf jaar later werd op de toren een semafoor (seininrichting) geplaatst, waardoor de toen ojiefvormige torenspits moest worden afgebroken. De in 1815 herbouwde torenspits kreeg toen het huidige profiel.

 

Wat in onze ogen een verminking was, maar toen waarschijnlijk als verfraaiing werd gezien, was het plaatsen tijdens de renovatie van 1869 tot 1873 van zgn. Engelse schuiframen en de bepleistering van de voorgevel. Bij de restauratie van 1933 tot 1943 werd de bepleistering ongedaan gemaakt en werden de oorspronkelijke kruisvensters teruggebracht. In 1973 verloor het zijn functie als stadhuis aan het gerestaureerde Mauritshuis en het werd in 1999 door de nieuwe gemeente Moerdijk verkocht. Na een aantal jaren leegstand en verwaarlozing werd het gebouw gekocht door mevr. Böhm, ook eigenaresse van het Arsenaal, die het pand in 2003/2005 prachtig liet restaureren. Op 26 november 2005 werd het oude raadhuis in al zijn oude glorie officieel geopend door de laatst zittende burgemeester van dit raadhuis, de heer J.H. Reinders.

 

Bron: www.heemkundekringdewillemstad.nl

1 3 4 5 6 7 ••• 11 12