View allAll Photos Tagged BOS
Der Insektenschwund liegt nicht am Auto, sondern daran, daß man sowas nicht mehr so oft sieht: Rinder auf der Weide! Deren Dung ist die Zuchtanstalt für Insekten aller Art. Dank Subventionierung und Regulierung der Landwirtschaft...
TEMPORADA BOS 12
90 años BOS
Lugar: Palacio Euskalduna
Hora: 20:00
A. Schönberg: Gurrelieder (versión de E. Stein)
Anne Swanewillms, soprano (Tove)
Torsten Kerl, tenor (Waldemar)
Lilli Paasikivi, mezzosoprano (Waldtaube)
Jon Frederic West, narrador
Arnold Bezuyen, tenor (Klaus-Narr)
Fernando Latorre, barítono (Bauer)
Coro Easo (X. Rallo, director)
Coro Andra Mari de Errenteria (J.M. Tife, director)
Coro Araba (A. Sáenz de Cortazar, director)
Günter Neuhold, director
90 años BOS
A. Schönberg: Gurrelieder (versión de E. Stein)
Anne Swanewillms, soprano (Tove)
Stig Andersen, tenor (Waldemar)
Lilli Paasikivi, mezzosoprano (Waldtaube)
Jon Frederic West, narrador
Arnold Bezuyen, tenor (Klaus-Narr)
Fernando Latorre, barítono (Bauer)
Coro Easo (X. Rallo, director)
Coro Andra Mari de Errenteria (J.M. Tife, director)
Coro Araba (A. Sáenz de Cortazar, director)
Günter Neuhold, director
A random Ayala day with 2 of my friends. =)
Canon EOS 550D
EF50mm f / 1.8 II
Taken: June 29, 2011
EXP:1 / 20 sec at f / 1.8
FL: 50mm
ISO: 400
240 x 76mm. For info only, the holes for the bushings/bearings are 14mm inner dia. x 14mm width. Rock Shox, Fox, uses 15mm inner dia.
Kudde schapen in het Amsterdamse Bos worden door hond bijeengedreven om daarna samen met de schaapsherder naar de Schinkelpolder te vertrekken.
Flock of sheep in the Amsterdamse Bos are herded by a dog before leaving with their shepherd for the Schinkel Polder
Pannenhoef bos
Korte beschrijving
Van de veertiende tot de zeventiende eeuw werd in dit deel van Brabant de hele laag hoogveen afgegraven tot de zandondergrond. Er ontwikkelde zich moerasheide waar weinigen een bestaansgrond vonden. Vanaf 1800 werden de onafzienbare heidevelden geleidelijk ontgonnen tot cultuurland en bos. Van 1900 tot 1940 verhevigde de ontginningsintensiteit. In het kader van de werkverschaffing werden de vennen en overige lage delen opgehoogd met zand van hoge koppen als de Lokkerberg.
Door het verbreden en verdiepen van het beekje de Bijloop werd het gebied ontwaterd. Op de drooggevallen venbodem van De Lokker ontwikkelde zich natte heide, rietland, gagelstruweel en moerasbos van wilgen, elzen en berken. Door het plaatsen van stuwen in de Bijloop steeg het waterpeil van deze beek aanzienlijk. De kalk- en ijzerrijke kwel van de hogere gronden werd niet langer door de beek 'weggevangen'. Het verzuurde moeras van De Lokker werd er weer mee gevoed, wat zorgde voor een herstel van de amfibienstand en een uitbreiding van planten als wateraardbei, moeraswederik en moerasviooltje. Sinds enkele jaren vliegen er weer weide- en bosbeekjuffers boven de Bijloop. Zomertaling, blauwborst, waterral en roodborsttapuit broeden er.
Toen Brabants landschap het landgoed in 1970 kon verwerven, was nog maar circa 100 hectare woeste grond over. Door geleidelijk aan landbouwgronden uit de pacht te nemen, konden wij vanaf 1995 verscheidene verdwenen vennen opnieuw uitgraven. De afgelopen 12 jaar zijn maar liefst 11 vennen uit de dood herrezen. Vele zeldzame planten keerden weer terug uit de ondergrondse zaadbank: blauwe knoop, teer guichelheil, moerashertshooi, heidekartelblad en pilvaren zijn slechts enkele voorbeelden.
Om de bijzondere plantengroei blijvend te behouden wordt er kleinschalig geplagd en begrazen Schotse hooglanders en laaglanders (Galloways) en IJslandse pony's het gebied het jaar rond. Boven de hernieuwde vennen vliegen veel libellen, waaronder bloedrode en bruinrode heidelibel. Typische heidebewoners als levendbarende hagedis, heideblauwtje en bont dikkopje kunnen weer migreren en hun populaties voorzien van 'vers bloed'.
Het hoge, droge deel van de Pannenhoef bestaat grotendeels uit bos dat qua soortensamenstelling en leeftijdsopbouw gevarieerd is en veel dood hout kent. Dat vertaalt zich in een hoge broeddichtheid van zangvogels en spechten.
Het open weidegebied het Rondgors moet een verbindingsschakel worden tussen de Pannenhoef en de Vloeiweide. Bij piekafvoeren krijgt het tevens een waterbergingsfunctie. De voormalige gemeentebossen van Etten-Leur vormen een belangrijke droge verbindingsschakel tussen beide landgoederen.
Pannenhoef bos
Korte beschrijving
Van de veertiende tot de zeventiende eeuw werd in dit deel van Brabant de hele laag hoogveen afgegraven tot de zandondergrond. Er ontwikkelde zich moerasheide waar weinigen een bestaansgrond vonden. Vanaf 1800 werden de onafzienbare heidevelden geleidelijk ontgonnen tot cultuurland en bos. Van 1900 tot 1940 verhevigde de ontginningsintensiteit. In het kader van de werkverschaffing werden de vennen en overige lage delen opgehoogd met zand van hoge koppen als de Lokkerberg.
Door het verbreden en verdiepen van het beekje de Bijloop werd het gebied ontwaterd. Op de drooggevallen venbodem van De Lokker ontwikkelde zich natte heide, rietland, gagelstruweel en moerasbos van wilgen, elzen en berken. Door het plaatsen van stuwen in de Bijloop steeg het waterpeil van deze beek aanzienlijk. De kalk- en ijzerrijke kwel van de hogere gronden werd niet langer door de beek 'weggevangen'. Het verzuurde moeras van De Lokker werd er weer mee gevoed, wat zorgde voor een herstel van de amfibienstand en een uitbreiding van planten als wateraardbei, moeraswederik en moerasviooltje. Sinds enkele jaren vliegen er weer weide- en bosbeekjuffers boven de Bijloop. Zomertaling, blauwborst, waterral en roodborsttapuit broeden er.
Toen Brabants landschap het landgoed in 1970 kon verwerven, was nog maar circa 100 hectare woeste grond over. Door geleidelijk aan landbouwgronden uit de pacht te nemen, konden wij vanaf 1995 verscheidene verdwenen vennen opnieuw uitgraven. De afgelopen 12 jaar zijn maar liefst 11 vennen uit de dood herrezen. Vele zeldzame planten keerden weer terug uit de ondergrondse zaadbank: blauwe knoop, teer guichelheil, moerashertshooi, heidekartelblad en pilvaren zijn slechts enkele voorbeelden.
Om de bijzondere plantengroei blijvend te behouden wordt er kleinschalig geplagd en begrazen Schotse hooglanders en laaglanders (Galloways) en IJslandse pony's het gebied het jaar rond. Boven de hernieuwde vennen vliegen veel libellen, waaronder bloedrode en bruinrode heidelibel. Typische heidebewoners als levendbarende hagedis, heideblauwtje en bont dikkopje kunnen weer migreren en hun populaties voorzien van 'vers bloed'.
Het hoge, droge deel van de Pannenhoef bestaat grotendeels uit bos dat qua soortensamenstelling en leeftijdsopbouw gevarieerd is en veel dood hout kent. Dat vertaalt zich in een hoge broeddichtheid van zangvogels en spechten.
Het open weidegebied het Rondgors moet een verbindingsschakel worden tussen de Pannenhoef en de Vloeiweide. Bij piekafvoeren krijgt het tevens een waterbergingsfunctie. De voormalige gemeentebossen van Etten-Leur vormen een belangrijke droge verbindingsschakel tussen beide landgoederen.
Waarom plaatst het Dagblad van het Noorden dit rijtje zonder minister Bos erbij? Niet belangrijk genoeg? Goeie spindoctor? http://moby.to/2fgesa
De Bosstraat te Stekene, deze boswegel is ook recent geasfalteerd. Het was een voorbode voor wat momenteel gebouwd wordt. Ook op dit stuk grond stond een kleine caravan midden een groen bos. Deze maakte onlangs plaats voor 3 nieuwe weekendhuizen. Al het groen moest wijken. Kan iemand me vertellen wat het verschil is met de nieuwe woonhuizen aan de overzijde? (net niet in beeld rechts op de foto) Behalve het woonvolume? Als het zo verder gaat in Stekene dan zal er niet veel overblijven van ons kostbare groen waar weekendbewoners destijds massaal op afkwamen. Dit zijn geen weekendhuizen, maar volksbedrog en wonen onder het mom van recreatie in een weekendverblijf!
(ligging: BOSstraat, Stekene)