johnbijlsma44
Large green saber grasshopper (Grote groene sabelsprinkhaan)
Characteristics
Large, green variety that sings with a hard, sharp rattle. The wings are broad and long: they are about twice the length of the abdomen. In the female they reach to the tip of the ovipositor. The females have a long, almost straight ovipositor.
Habitat
The species lives in sprouting, firm herbs and firm thickets such as bramble vegetation. There, despite their size and sound, they are quite difficult to find: the green is a good protective color, the animals turn away behind a stem and they stop singing when you get close. (MVV).
Appearance
General throughout the Netherlands.
Kenmerken
Grote, groene soort, die zingt met een harde, scherpe ratel. De vleugels zijn breed en lang: ze zijn ongeveer twee maal de achterlijflengte. Bij het vrouwtje reiken ze tot aan de punt van de legboor. De vrouwtjes hebben een lange, vrijwel rechte legboor.
Habitat
De soort leeft in opgeschoten, stevige kruiden en in stevige struweelzomen zoals bramevegetaties. Daar zijn ze, ondanks hun grootte en geluid, best lastig te vinden: het groen is een goede schutkleur, de dieren draaien weg achter een stengel en ze stoppen met zingen als je in de buurt komt. (mvv).
Voorkomen
Algemeen in heel Nederland.
Large green saber grasshopper (Grote groene sabelsprinkhaan)
Characteristics
Large, green variety that sings with a hard, sharp rattle. The wings are broad and long: they are about twice the length of the abdomen. In the female they reach to the tip of the ovipositor. The females have a long, almost straight ovipositor.
Habitat
The species lives in sprouting, firm herbs and firm thickets such as bramble vegetation. There, despite their size and sound, they are quite difficult to find: the green is a good protective color, the animals turn away behind a stem and they stop singing when you get close. (MVV).
Appearance
General throughout the Netherlands.
Kenmerken
Grote, groene soort, die zingt met een harde, scherpe ratel. De vleugels zijn breed en lang: ze zijn ongeveer twee maal de achterlijflengte. Bij het vrouwtje reiken ze tot aan de punt van de legboor. De vrouwtjes hebben een lange, vrijwel rechte legboor.
Habitat
De soort leeft in opgeschoten, stevige kruiden en in stevige struweelzomen zoals bramevegetaties. Daar zijn ze, ondanks hun grootte en geluid, best lastig te vinden: het groen is een goede schutkleur, de dieren draaien weg achter een stengel en ze stoppen met zingen als je in de buurt komt. (mvv).
Voorkomen
Algemeen in heel Nederland.