Back to photostream

10-08-2019 TUC RAIL 5540, Spontin

Na de zeer warme driedaagse in Frankrijk, volgden twee dagen van afzien in het snikhete Antwerpen, waar de temperatuur boven de veertig graden Celsius kwam. De twee weken die volgden stonden voornamelijk in het teken van werken, met slechts drie fotodagen in Nederland tussendoor. Het hierna beschrevene vormt voor ondergetekende een der spoorse hoogtepunten van 2019, wellicht wel het absolute hoogtepunt: de herschildering der 5540. De rol van de schrijver dezes in casu, alsmede de verscheidene verrassingen die hij tegenkwam, daarvan zal in het onderstaande bijschrift gewag gemaakt worden.

 

We gaan andermaal enkele maanden terug, nu naar eind mei, toen ik eens met een bevriend PFT-lid sprak over de vele activiteiten bij de PFT in 2019. Met de fotorit in april konden de herschilderde 7305 en 7402 immers bewonderd worden, doch voor de safari photo van mei had men wederom de verfkwasten opgepakt, ditmaal om het M2-rijtuig rood te schilderen. Mij werd medegedeeld dat er nog een zeer leuke verrassing zou zijn op het festival in augustus: gelijkerwijs vorig jaar het geval was, zou dit jaar opnieuw een locomotief van de reeks 55 worden herschilderd! Onverwijld sprak ik mijn vreugde uit over dit bericht, daarbij hopende dat de 5540 de gegadigde zou zijn - welk een tof idee ware het om de locomotief in een mooi glimmend staalblauw kleedje te zien. Om de feestvreugde te verheugen, ontving ik de tijding dat nevens de herschilderde locomotief er mogelijk nog twee exemplaren van de reeks 55 aanwezig zouden zijn. Drie 55'ers op het festival, dat was toch wel echt de max!

 

Ettelijke dagen spader, op 25 mei, vond de safari photo plaats, met als een der hoogtepunten de 7305 met Shimms'en. In de marge van de safari babbelde ik nog met dezen en genen over het aanstaande festival in augustus, waarbij ik de plannen nopens de materieelinzet vernam. De drie 55'ers zouden de volgende zijn: een 55 TVM van SNCB, de 5528 en de herschilderde 5540. Tevens zou SNCB I6-rijtuigen zenden voor de eigentijdse samenstelling met de TVM-locomotief. Vanuit het Historisch Patrimonium werd de gereactiveerde 29.013 gestuurde, dewelke des ochtends met een historische goederentrein zou rijden. Van de private vervoerders kwam DB met een 6400 en een Traxx met wervingsstickers, mogelijk zou Lineas ook nog een Traxx naar de Bocqlijn zenden... Hierbij dient overigens aangetekend te worden dat de Traxxen slechts als tentoonstellingsobject te Spontin zouden staan. Met deze vele gasten in het vooruitzicht beloofde het een prachtig festival te worden! De weken die volgden hoorde ik weinig over het aanstaande festival of de herschildering der 5540, doch eind juni ontving ik een e-mail van een ander PFT-lid. Hij deelde mij mede dat de locomotief door hem en enkele anderen in augustus zou herschilderd worden. Wat ik enkele dagen vernam was mogelijk nog interessanter: de herschildering zou dit jaar niet in Schaerbeek, doch op de Bocqlijn zelve worden uitgevoerd. Als datum werd 10 augustus genoemd, zodat de locomotief dus slechts enkele dagen voor het festival een nieuw jasje kreeg aangemeten. Het bericht dat ik enkele dagen later ontving, was helaas een slechte tijding. Dankzij de vele inbraken en vernielingen in de oude ATD van Schaerbeek was besloten om de 5528 en de 5540 buiten te zetten, dit om verdere destructie te voorkomen...

 

Op de zonnige namiddag van 17 juli - vijf jaar na de desastreuze vliegramp met vlucht MH17 - zat ik te mijnent achter de computer, als ik een zeer interessante mail las met als titel 'Projet HLZ 5540'. In de mail las ik het fantastische aanbod om deel uit te maken van het team dat betrokken zou zijn bij de herschildering van de 5540! Gewisselijk, dit aanbod kon ik niet afslaan als ware 5540-adept. Verderop in het bericht stond dat het schilderwerk tussen 10 en 14 augustus zou worden gedaan, tevens zou er de mogelijkheid zijn om te slapen in het I5-rijtuig in Spontin. Tot dusverre stonden de 5528 en de 5540 te Schaerbeek-Faisceau P, waarbij de 5540 de komende week zou worden gewassen. Een vriend van me uit Maastricht trachtte eveneens om aanwezig te zijn, doch verder zou niemand worden toegelaten bij het project, zodat ik toch wel mag spreken van een zeer uniek aanbod.

 

Eind juli kreeg ik eens een berichtje van iemand met de vraag of ik eigenlijk wel wist in welke kleuren de 5540 zou worden herschilderd. Ik antwoordde dat ik aannam dat dit het gekende staalblauw-gele livrei zou zijn, doch al snel volgde dé grote ontgoocheling. Gelijk de PFT op haar Facebookpagina had geschreven, zou de 5540 in het 1970-livrei met een blauwe band worden geschilderd. Met andere woorden, de locomotief zou niet blauw, doch groen als basiskleur hebben. Waarlijk, ik had geen moment getwijfeld aan mijn aanname en was tot dusverre uitgegaan van het feit dat de locomotief blauw-geel zou worden. Historisch gezien was het echter wel een buitenkansje om de locomotief in dit livrei te schilderen, edoch zal ik daar op een later moment op terugkomen. Enfin, laten we echter wat inzoomen op het Facebookbericht van PFT, vermits aldaar de voorziene samenstellingen op de safari photo waren gepresenteerd. De genoemde treinen zouden komen (ofschoon in het bericht werd gesproken van I10-rijtuigen, in plaats van I6-rijtuigen), tevens zou er ook nog een locomotief van de reeks 77 te gast zijn. Tot slot was daar nog de 4006, die ook herschilderd was. Met deze knappe samenstellingen besloot ik om mij direct aan te melden voor de safari photo, en zo geschiedde.

 

Welnu, voorafgaand aan de 'repeinture' der 5540 diende de locomotief natuurlijk nog naar CIneyt te worden vervoerd, doch aanvankelijk was ik voornemens die transfert niet vast te leggen. Ik had immers vernomen dat de transfert op 9 augustus zou plaatsvinden, zodat het mij enigszins verbaasde toen ik hoorde dat ik op zaterdag 10 augustus zou plaatsvinden. Dit klonk derhalve zeer interessant, zodat ik trachtte om vervanging te regelen op het werk teneinde vrijdagavond reeds naar België te kunnen reizen. Met zeer veel moeite lukte het gelukkig om een vervanger te regelen, zodat ik vrijdag naar België kon reizen. Middelerwijl had ik een foto vanuit Schaerbeek ontvangen, dewelke een deels herschilderde 5540 toonde. Enkele vrijwilligers hadden klaarblijkelijk gedurende de warme dagen van juli het onderstel reeds zwart geschilderd, zodat in Spontin niet de ganse locomotief diende te worden aangepakt. Nu ik de mogelijkheid had om de transfert vast te leggen, ging ik eens navraag doen wat de uurregeling van de rit was. Zaterdagochtend bleek er inderdaad een Z93101 van Schaerbeek-Faisceau P naar Ciney te zijn voorzien, doch deze zou helaas op een zeer vroeg uur rijden: het vertrek te Schaerbeek was reeds om 5.55 voorzien en de aankomst te Ciney was om 7.17. Welnu, dit betekende dat ik hooguit te Ciney een foto van de rit kon trekken, overmits de trein anders nog in het donker zou rijden. Nevens de uurregeling kreeg ik het bericht dat niet enkel de 5540, maar ook de 5528 en de 5519 in de transfert zouden zijn opgenomen. Ofschoon de 5519 niet mee zou doen aan het festival, werd deze locomotief naar de Bocqlijn overgebracht ten behoeve van stalling. Van een aanschaf der 5519 door de PFT is nog geen sprake, maar om der vele vernielingen wil te Schaerbeek ware het beter voor de 5519 om haar een veilig onderdak te bieden. PFT verkreeg derhalve toestemming om haar naar een veiligere locatie te verplaatsen. De bedoeling was dat het verblijf dezer locomotief aan de Bocqlijn geheim zou blijven, doch met het festival kwam het toch wel in de publiciteit dat de 5519 verscholen stond te Évrehailles-Bauche.

 

Op vrijdag 9 augustus bepaalde ik de definitieve planning voor de komende dagen. Ik zou des avonds naar Ciney afreizen en daar in de buurt ergens mijn tentje gaan opzetten dat ik had meegenomen. Het week-end zou ik doorbrengen op camping 'Le Quesval' te Spontin en aansluitend zou ik van maandag tot en met woensdag helpen bij de repeinture om des nachts in het I5-rijtuig te slapen. Daags erna zou de safari photo plaatshebben en des zaterdag was ik voornemens naar de ASVi in Thuin te gaan, zodat ik aansluitend op mijn verblijf in het I5-rijtuig een reservering voor twee overnachtingen in de Airbnb te Gesves had geboekt. Er was echter één probleem: van mijn contact bij de PFT had ik al enige tijd niets meer gehoord, zodat ik maar hoopte dat alles goed zou verlopen en ik daadwerkelijk aldaar kon slapen et cetera. Ofschoon de weersverwachtingen voor de volgende week niet opperbest waren, stapte ik alsnog even na half zes op de trein met mijn rugzak, koffer, slaapzak en tent. Onderweg was er echter nog iets waar ik enigszins tegenop zag: daar ik pas vandaag mijn definitieve planning had gemaakt, had ik nog niet een plaatsje op de camping kunnen reserveren. Ik moest dus deze avond gaan bellen met de vraag of ik het aanstaande week-end een plaatsje voor twee nachten kon boeken. Op het niet bepaald stille balkon van de Intercity waar ik in zat, belde ik derhalve naar het nummer dat op de website was aangegeven. Ik kreeg een madame aan de lijn die amper Nederlands kon - en ik kan amper Frans. De verbinding viel nog eens weg, doch met veel inspanning lukte het uiteindelijk om haar duidelijk te maken dat ik voor twee nachten inclusief elektriciteit wilde boeken, zodat ik maar hoopte dat het goed was doorgekomen. De prijs was 35,-, dus dat viel nog wel wat mee, tevens was de locatie van de camping - praktisch naast het station van Spontin - een ideaal uitgangspunt voor mijn verblijf. Ik hoopte maar dat de reis vlot zou verlopen, daar ik de allerlaatste verbinding naar Ciney zou nemen... Gelukkig kwam ik om half elf aan op het Brusselse Noordstation, keurig op tijd voor de laatste trein naar Ciney dus, dewelke om kwart voor elf zou vertrekken. Op het perron was ik nog getuige van een wat komische situatie: een man zat op een bakje met een fles wodka in zijn hand, maar in plaats van uit de fles te drinken, schonk hij de wodka in een plastic bekertje - dat was toch wel een grappig gezicht eigenlijk. Enfin, ik hoefde niet lang te wachten, vooraleer het duo DMT binnenreed, zodat ik in kon stappen om tesamen met al mijn spullen een zetel te zoeken. Rond middernacht arriveerden we uiteindelijk in het station van Ciney, waar we de laatste trein des dags waren. Ik stapte af, verliet het station en ging de duisternis in. De vraag was echter: waar zou ik een slaapplek kunnen vinden? Op de kaart zag ik een rustig zijstraatje op loopafstand van het station, zodat ik maar naar ginder wandelde. Op een lange oprijlaan kwam ik terecht, waar ik besloot om aan de linkerzijde, onder de luwte van de bomen, mijn tente op te zetten en te gaan slapen. Met de vroege aankomst van de transfert te Ciney in mijn achterhoofd besloot ik de wekker om 6 uur te zetten, zodat ik ruim de tijd had om de tent af te breken, terug op te vouwen en op tijd aanwezig te zijn voor de aankomst van de transfert. De overnachting beviel mij alvast veel beter dan die in de open lucht van Bouffioulx, want al gauw was ik heerlijk in slaap gevallen in mijn tent, waar het tot mijn verbazing in korte tijd betrekkelijk warm was geworden.

 

De volgende dag - nu ja, enkele uren later eigenlijk - ontwaakte ik stipt om zes uur in mijn tent, trok ik mijn kleren aan en begon de tent af te breken. Bij het afbreken werd mij wel duidelijk dat ik midden in de vrije natuur had geslapen, er zaten immers maar liefst zes naakstlakken op mijn tent. Uiteindelijk was ik om kwart voor zeven gereed om naar Ciney te gaan, zodat ik richting het station liep. Bij mijn wandeling zag ik dat ik de avond tevoren echter een bordje over het hoofd had gezien, ik had dus blijkbaar op privéterrein geslapen... Bon, het was gebeurd, dus we gingen maar verder naar Ciney. Eensklaps kreeg ik echter een slechte tijding: afgelopen nacht was er opnieuw kabeldiefstal gepleegd op L161, ditmaal te Lonzée en Rhisnes. De drie 55'ers stonden dus nog altijd te Schaerbeek... Ik kon dus wel rustig aan doen, de trein zou waarschijnlijk wel een uur vertraagd zijn. Inmiddels had ik wel honger gekregen, zodat ik op zoek ging naar een bakkerij. In het centrum bleek patisserie Grégory Hennau te zijn gevestigd, die vanaf half zeven al geopend was. Toen ik even voor zevenen de winkel binnenstapte, stonden er al diverse klanten binnen op dit vroege uur. Bij de medewerkster bestelde ik een croissant en een ander broodje, zodat ik buiten kon genieten van mijn heerlijk verse ontbijt. De transfert was met een uur vertraging vanuit Schaerbeek vertrokken, doch dankzij de kabeldiefstal zou er een omleiding plaatsvinden via L140, L147 en L130. Dit zou voor nog meer vertraging zorgen, waardoor ik besloot om de bus te nemen naar Spontin. Deze zou om 8.36 vertrekken - normaal te laat voor de transfert, doch dankzij de rétard zou ik hierdoor op tijd in Spontin arriveren. Op het vertrekuur was de bus in geen velden of wegen te bekennen, zodat ik mij bijna begon af te vragen of de bus nog wel kwam opdagen... Gelukkig kwam de bus dan toch, waardoor ik samen met mijn bagage met enige vertraging richting Spontin kon gaan. Tijdens mijn busrit belde mijn Limburgse metgeval - hij was door zijn wekker heen geslapen en werd pas om kwart voor negen wakker, normaal dus veel te laat voor de transfert. Ik vertelde hem dat de transfert een serieuze vertraging had, zodat hij wellicht toch nog een kans had om de trein te zien. Enkele minuten later kwam ik aan in Spontin en liep richting het Mitroparijtuig toe om te vragen of ik daar mijn bagage kon neerleggen om later die dag op te halen. Met dat ik de trap naar het rijtuig beklim, hoor ik eensklaps mijn naam - het bleek degene te zijn die had geregeld dat ik bij de repeinture aanwezig kon zijn. Ik vroeg eerst aan de mevrouw in het Mitroparijtuig of ik mijn bagage daar kon leggen - wat gelukkig mocht - waarna ik richting B.3 liep om even te babbelen. Blijkbaar had mijn contact het druk gehad in de afgelopen tijd, zodat hij geen tijd had om te reageren. Deze zaterdagochtend was hij gelukkig in Spontin aanwezig en kon hij mij meer info mededelen. Het was al negen uur geweest en de transfert was nu pas Namur gepasseerd - de rétard bedroeg dus meer dan twee uren. Dit was voor mij een onverwachte meevaller eigenlijk, want hierdoor kon ik mijn gewenste foto op de Bocqlijn maken. De zon scheen, zodat ik wellicht wel een knappe foto van de transfert kon maken in het weiland van Senenne. Tegen kwart over negen zeide ik de mensen in Spontin gedag en liep ik naar het weiland van Senenne toe, waar ik de enige fotograaf bleek te zijn. Het was echter wel zeer spannend of de transfert in volle zon zou passeren of niet. Aanvankelijk scheen de zon volop, maar binnen een kwartier was de lucht compleet dichtgetrokken. Om vijf voor tien kreeg ik een sms'je uit B.3 binnen met het bericht dat de trein zich op L128 bevond, het was dus nog een kwestie van tijd vooraleer de drie 55'ers mij zouden passeren. Onze Limburger had even opgeschoten, zodat hij vijf kwartier na opstaan al in Spontin stond - ook hij kon dus getuige zijn van de aankomst van de trein. Doordat de wolken zeer snel voortdreven, was het weder zonnig toen de trein omstreeks kwart over tien mij passeerde. Vanwege de zonnestand maakte ik een foto langs achter en de 5540 bleek ook nog eens achterop te zitten: ideaal voor een foto van deze locomotief. De 5540 bevond zich in een soort 'transitielivrei', waarbij het onderstel zwart was geverfd en de onderste band al groen was geschilderd. Op kop reed de groene 5528 en in het midden bevond zich de blauwe 5519, die helaas zeer vaal is en voorzien van een flinke laag graffiti. Snel liep, of beter gezegd holde ik naar Spontin toe, zodat ik binnen enkele minuten terug bij het station was. Aldaar bleek mijn Limburgse metgezel met zijn mooie oude BMW te staan, zodat ik een mooie lift had richting Dorinne-Durnal. Het plan bleek immers te zijn dat de 5540 werd afgehaakt, waarna de 5528 en 5519 - beide met draaiende motors - naar Dorinne-Durnal zouden verderrijden. Teneinde nog even te wachten of de trein effectief zou vertrekken, bleven we in Spontin tot het sein was opengezet. We sprongen vervolgens in de auto en reden naar Dorinne-Durnal, doch eerst moesten we nog even wachten tot de beide locomotieven ons gepasseerd waren op de overweg. In het station beklom ik rap de stapel dwarsliggers, zodat ik klaar was om de trein te fotograferen. Het duurde echter geruime tijd, zodat ik uit arren moede richting de 55'ers stapte. Wat bleek het geval te zijn: men bleek enige manœuvres uit te voeren, zodat de 5519 achterop de cul-de-sac kon worden geplaatst. Uiteindelijk werd de waterwagen aan de 5519 gekoppeld, zodat de locomotief op de cul-de-sac kon worden afgesteld. Middelerwijl was de 5528 richting de uitrit kant Évrehailles-Bauche gereden, waarna de locomotief op spoor II werd afgesteld. De motoren werden uitgezet en het was gedaan voor vandaag in Dorinne-Durnal. Opdat de treinbestuurders Arnaud, Julien J. en Lysian niet te lang hier zouden moeten blijven wachten, boden we hen een lift aan naar Spontin, iets wat zij uiteraard niet afsloegen. Ze gooiden hun bagage achterin, waarna we gevijven in de BMW naar Spontin terugreden.

 

Aangekomen in Spontin, gingen we weer eens naar de 5540 toe. De locomotief bleek inmiddels in de loods gezet te zijn en de mannen maakten zich op om hun lunch te nuttigen, dat ditmaal friet was. Mijn reisgenoot besloot om terug naar Limburg te rijden, vermits hij nog aan de auto wilde sleutelen om wat problemen te verhelpen. Hij bood mij aan om met de bagage richting camping 'Le Quesval' te rijden, zodat mij een wandeling naar ginder bespaard werd. Aldus geschiedde, zodat ik in het Mitroparijtuig mijn spullen ophaalde en we naar de camping reden. Aldaar namen we afscheid van elkander, daar hij naar Limburg ging en ik nog even op de camping bleef. In een uitbouwtje nevens het campinggebouw zat een vriendelijke, oude madame, waar ik mij aanmeldde. Mijn telefoongesprek de avond tevoren had zijn vruchten afgeworpen, want het was allemaal correct genoteerd: twee nachten met een tent inclusief elektriciteit. Ik betaalde mijn verblijf, ontving de kwitantie en mij werd een plaatsje aangewezen. Derhalve kon ik beginnen om de tent op te bouwen en de nodige spullen in de tent te leggen. Na even uitgerust te hebben, zag ik dat het bereids half twee was, de hoogste tijd voor lunch dus. De locale boulangerie Dechamps was vanzelfsprekend de ideale gelegenheid om de honger te stillen, zodat aldaar het een en ander aan eten werd gehaald. Nu het eten op was, kon ik verzadigd richting het station lopen. De 5540 bleek terug buitengezet te zijn, doch de mannen waren nog niet echt bezig met de herschildering der locomotief. Eerst maakte ik nog wat detailopnames, doch daarna begon ik mij toch wat te vervelen, vermits er immers weinig activiteit was op dat moment. Eensklaps kreeg ik de ingeving om eens naar de PFT-boetiek in het Mitroparijtuig te gaan om aldaar de boekencollectie te aanschouwen. Er bleken diverse interessante boeken te staan, zoals een boek over de historie van L96, een ander boek over het IC-IR-plan, wijders waren er nog enkele andere interessante werken aanwezig. Gezeteld op een stoel bracht ik de komende uren door, daarbij de boeken bestuderend - onderwijl ontving ik van de vriendelijke madame nog een glaasje drinken. Op een gegeven moment had ik de boeken wel weer gezien, zodat ik besloot naar buiten te gaan. Nu aan het einde van de middag bleken de mannen begonnen te zijn met de herschildering, eindelijk was er dus wat te bekijken. De PFT-leden Cédric en Julien G. waren met een verfroller respectievelijk verfkwast bezig het rooster groen te schilderen, zodat in het aangename avondlicht de bovenstaande opname ontstond van de schilderende PFT-leden. Zoals U ziet, bevindt de 5540 zich in een speciaal transitielivrei: een deel is nog vaal blauw-geel, een ander deel is van een frisse groene verflaag bedekt.

 

Gelijk geschreven, was ook Cédric aan het schilderen, zodat ik met hem nog wat kon babbelen. Hij is min of meer de chef van het festival en had vele uren gespendeerd om alles in gereedheid te brengen voor een geslaagd festival. Het vele werk om de gastlocomotieven te regelen, alsmede de talloze uren die gestoken waren in het opstellen der grafieken, is een echt monnikenwerk geweest, zodat mijnerzijds bewondering werd uitgesproken voor zijn grote bijdrage in dezen. Het fijne aan de beste man is dat hij, dankzij zijn baan in Brussel aan het begin zijner carrière, redelijk goed Nederlands spreekt, waardoor hij praktisch de enige vrijwilliger was op dat moment die mijn moedertaal machtig was. We spraken met elkander over de voorziene kleurstelling der 5540, zodat ik wat meer over de voorgeschiedenis der herschildering kon ervaren.

 

Als de twee na laatste locomotief der reeks 55 werd de 55 op 28 februari 1962 te Ronet in dienst gesteld, over anderhalve maand dus 58 jaren geleden dus. Gelijkerwijs bij de eenenveertig andere exemplaren het geval was, werd de 5540 in het oudgroene livrei in dienst gesteld, oftewel groen met een gele band op de zijkant, die op de kop in een omgekeerde V uitmondde. Te midden dezer schuin oplopende band op de kop was het zescijferige nummer der locomotief gevestigd. Vanaf 1970 tot en met 1977 werd langzamerhand bij praktisch alle locomotieven het nieuwe livrei 1970 ingevoerd, dat kort samengevat niet uit één, doch uit twee gele banden bestond. Ten gevolge van een accident was de 205.027, de latere 5527, de eerste 55'er in dit livrei. Deze herschildering werd doorkruist door een ander feit, te weten het in 1971 ingevoerde viercijferige nummersysteem - de reeks 205 veranderde daarbij in 55. Daar de nieuwe viercijferige nummers in een vele malen groter lettertype dan de zescijferige nummers werden afgedrukt, ontstond er een probleem: de nieuwe nummers waren te groot om onder de omgekeerde gele V te worden aangebracht. Er werden - typisch Belgisch - twee oplossingen bedacht:

 

- De eerste oplossing was de ingrijpendste. De omgekeerde V werd integraal verwijderd en werd vervangen door een eenvoudige rechte band tussen de koplampen. De vorig jaar herschilderde 5528 is een voorbeeld van dit vereenvoudigde oudgroene livrei.

- De tweede oplossing was tamelijk pragmatisch. Op de plek waar het nieuwe nummer werd aangebracht, werd een deel van de omgekeerde V weggehaald, zodat het viercijferige nummer min of meer was opgenomen in de gele band. De 5514 zou de laatste locomotief zijn in dit livrei en bolde tot en met 1977 in deze uitvoering over de Belgische sporen.

 

Bij de 5540 werd gekozen voor de eerste oplossing, zodat dit het tweede livrei was voor deze locomotief, ofschoon dit tweede livrei feitelijk een vereenvoudiging is van het eerste livrei en slechts werd veroorzaakt door het nieuwe nummersysteem. Op 12 maart 1975 reed de 5540 AC Salzinnes binnen om herschilderd te worden in het livrei 1970, dat zodoende het derde livrei was. Er zijn overigens vier 55'ers geweest die nimmer het livrei 1970 aangemeten kregen. De 5507, 5514 en 5523 werden vanuit het - al dan niet vereenvoudigde - oudgroene livrei direct in het nieuwe gele livrei geschilderd, terwijl de 205.016 eind 1969 reeds buiten dienst werd gesteld door een accident in Sclaigneaux en derhalve zelfs de kans niet kreeg om deze nieuwe uitvoering te ontvangen. De 5540 reed nog geen jaar in haar derde livrei rond, toen zich de volgende herschildering aandiende. De locomotief was immers voorzien om als eerste exemplaar der reeks 55 aangepast te worden om rijtuigen elektrisch te kunnen verwarmen, in plaats van de conventionele stoomverwarming. Op 3 maart 1976 schreed zij daartoe de poort van Salzinnes binnen, waarna de noeste cheminots de stoomketel verwijderde en een gans nieuwe elektrische installatie aanbrachten. Teneinde de cheminots daarop te wijzen dat de locomotief over een nieuwe type verwamingsinstallatie beschikte, werd besloten de bovenste gele band te vervangen door een smalle oranje band, oftewel het vierde livrei. Dit livrei is uiteindelijk enkel toegepast op de 5540 en heeft slechts een zeer kort bestaan gekend van slechts drie weken... Bij het vuil worden van de oranje band vervaagde het onderscheid tussen deze oranje en de reguliere gele band al snel, zodat het van buiten onduidelijk was met welk type verwarming men te maken had. Snel werd de 5540 terug naar het atelier gestuurd, waar een aanpassing werd doorgevoerd: de oranje band werd vervangen door een lichtblauwe band, waarin zij dus vanaf april 1976 te zien was - we zijn dus aangekomen bij het vijfde livrei. Ofschoon de blauwe band beter met het geel constrasteert dan de aanvankelijk oranje band, was men andermaal niet tevreden over de herkenbaarheid. Het tekenbureau der SNCB werd derhalve gevraagd een gans nieuw livrei te ontwerpen, dat vele malen meer afweek van het livrei 1970. Deze opdracht resulteerde in het fameuze design dat de kleur staalblauw als basis heet en onder het ventilatierooster een brede gele band kent. Met de aanpassing der 5529 naar elektrische verwarming ontving de locomotief als eerste dit nieuwe blauw/gele livrei en verliet zij Salzinnes in dit design op 4 april 1980. Bijna een jaar later werd de 5540 tijdens een groot onderhoud eveneens voorzien van dit blauw/gele livrei, dat haar zesde livrei is geworden - op nog geen twintig jaren tijd heeft de locomotief dus zes kleurstellingen gehad... Dit blauwe livrei voldeed eindelijk aan de wensen, zodat de 5540 gedurende achtendertig jaren in het staalblauw viel te bewonderen. Mettertijd was de locomotief echter zeer vaal geworden en nam de hoeveelheid graffiti ook allengs toe...

 

Dankzij de toetreding van de voornoemde treinbestuurder Arnaud - werkzaam bij TUC RAIL - is er sprake van een goede relatie tussen de firma TUC RAIL enerzijds en de PFT anderzijds. Het eerste product van hun coöperatie resulteerde in de herschilderde 5528 in 2018, doch dit succes smaakte uiteraard naar meer. Zodoende werden de plannen gesmeed voor een tweede herschildering, waarbij men eerst voornemens was om een locomotief opnieuw in het blauw/geel te schilderen, dat heden ten dage een groot contrast vormt met het zeer vale blauw/geel dat nu aanwezig is op de resterende machines. Om niet nader te noemen redenen is dit plan echter geannuleerd, waarna gekozen werd om de speciale uitvoering van het livrei 1970 met blauwe band te kiezen. Vermits slechts de 5540 en 5542 effectief in deze kleurstelling werden geschilderd en de 5542 reeds vele jaren verschroot is, was de 5540 de enig overgebleven locomotief om dit livrei te ontvangen, dat de 5540 dus van 1976 tot en met 1981 heeft gedragen. Men had vanzelfsprekend ook een andere 55'er kunnen kiezen, doch dan was er sprake van geschiedvervalsing - die locomotief had immers nooit dat livrei gedragen. TUC RAIL verleende andermaal toestemming om een locomotief tijdelijk aan de PFT af te staan voor een repeinture, waardoor men in juli kon beginnen met schilderen en de locomotief op deze zaterdag werd getransfereerd naar Spontin om het schilderwerk te voleinden. Op deze plaats mogen we spreken van een goede coöperatie tussen beide partijen, waardoor men in staat was om de liefhebbers een herschilderde locomotief te presenteren op het festival.

 

Zover zijn we echter nog lang niet op deze zaterdagavond, de locomotief draagt nog altijd het transitielivrei met verscheidene ongeschilderde delen en enkele delen, dewelke bereids een nieuwe verflaag hebben ontvangen. Terwijl Cédric en Julien G. de groene verf op en rondom de ventilatieroosters aan de zijkant aanbrengen, is een andere vrijwilliger begonnen om schilderstape aan te brengen voor de smalle groene band halverwege de zijkant. De mannen schilderen stevig door gedurende het vallen van de avond, zodat men uiteindelijk een groot deel van de op de foto zichtbare zijkant groen heeft geschilderd deze zaterdag. Terwijl ik zo met Cédric babbelde, hield ik ook de tijd enigszins in de gaten, dewijl het reeds omstreeks half negen in de avond was en ik nog altijd niet gegeten had. Het voornemen was om de locale friterie 'Chez Nana' in Spontin te bezoeken, doch deze friterie zou om negen uur sluiten. Derhalve zeide ik Cédric gedag en vertelde nog even dat ik vanaf maandag terug aanwezig zou zijn, groette de anderen en vertrok naar de friterie. Er stond een redelijke wachtrij, zodat ik pas vlak voor negenen mijn bestelling kon plaatsen - ik koos voor een assiette boulets sauce chasseur. Van de madame kreeg ik enige tijd later mijn bestelling, waarna ik als allerlaatste klant van deze dag de friterie kon verlaten. Op een bankje in het kleine centrum van Spontin ging ik op een bankje zitten om mijn menu op te eten, tot mijn verbazing had ik zelfs drie boulets gekregen. Het menu smaakte verder heerlijk, mijn eerste kennismaking met de friterie van Spontin was alvast zeer positief! Na mijn dîner keerde ik nog kortstondig ten laatsten male deze dag terug naar het station van Spontin, alwaar men zojuist bezig was om de 5540 de loods in te duwen. Enkele minuten voor tien ging de deur dicht, werden de lampen uitgedaan en ging eenieder zijns weegs.

 

Een zeer lange dag was ten einde gekomen, dewelke begonnen was in mijn tentje in Ciney. Dankzij de grote rétard kon de gewenste foto te Senenne gerealiseerd worden en dankzij de in de namiddag nog schijnende zon kon tevens een afscheidsfoto van de 5540 in de huidige kleuren gemaakt worden, die hierboven is gepresenteerd. Andermaal kon ik kennismaken met de gastvrijheid op de Bocqlijn, zodat ik uitkeek naar de week die volgen zou. Doch wat in de volgende week allemaal zou gebeuren, daarover zal U bij de volgende foto kunnen lezen ;-)

10,592 views
25 faves
2 comments
Uploaded on January 14, 2020
Taken on August 10, 2019